dinsdag 31 mei 2011

BEYOND THE BEAT GENERATION

















Welkom in de wereld van de obscuriteiten!
NEDERBIET
Op 30 mei, in ons eerste programma in Sociëteit De Kring in Amsterdam lieten we een selectie zien van bekende en minder bekende Nederlanse groepen uit de periode 1963-1970. Het programma was opgedeeld in twee stukken, eerst de echt relevante voorbeelden en daarna eveneens obscure clips, die niet direct een relatie hadden met R&B. De avond werd goed bezocht, en de reakties waren positief.
Hieronder de tekst van het boekje wat na afloop van het eerste deel beschikbaar werd gesteld.
Gerard Davelaar, Hans Kesteloo, Johan Visser, Glenn Minderman en Paul Vriens.

Light My Fire
Het lijkt erop dat ieder nieuw decennium wat moeizaam op gang komt. De meest kenmerkende gebeurtenissen vinden meestal halverwege of in de tweede helft van een decennium plaats. Als een oude buizenversterker die eerst warm moet worden om daarna met vol vermogen het geluid de ruimte in te jagen. Zeker voor wat de muziek betreft vormen de 60’s geen uitzondering. Bekijken we de hitlijsten uit de beginjaren van die periode dan moeten we ons eerst worstelen door een aantal jaren met noteringen voor Gert Timmerman, Willeke Alberti, Anneke Grönloh, Freddy Quinn of Gerhard Wendland. Jawohl, Duitse liedjes zowel in de oorspronkelijke taal als in een Nederlandse vertaling waren hot! (of 'heiss' zo u wilt). Pas in 1964 komen we The Beatles tegen met “I want to hold your hand”.

Teenage Wasteland
1964 blijkt op muzikaal gebied cruciaal te zijn in de ontwikkeling van de Nederlandse popmuziek. Op 5 juni van dat jaar zetten The Beatles voet op Nederlandse bodem. “Er ging een siddering door het land”, zo omschrijft Veronica deejay Joost den Draayer hun aankomst, en de enthousiaste volgelingen stonden te trappelen om de muzikale woestenij die The Beatles hier aantroffen in rap tempo te ontginnen. De “lichte muziek” (alles wat niet klassiek was) moest stevig op de schop worden genomen, en voor de enkeling die wakker was gebleven kwam het niet echt onverwacht. De voorafgaande jaren hadden wel degelijk een aantal voortekenen laten zien.

The Times They Are A'Changing
De zonen van Indonesische emigranten, de Indo’s, introduceerden de Rock ’n’ Roll in Nederland. Hun invloed op de popmuziek in Nederland mag niet worden onderschat. Zo schrijft George Lipsitz (Professor in Etnische Studies aan de Universiteit van California in San Diego) in zijn boek Dangerous Crossroads (1997) o.a.
...“the Tielman Brothers stole the show with their wild rock'n'roll songs and acrobatic antics. They tossed guitars across stage, played the guitar and bass with their toes and teeth, and played their instruments behind their heads and upside down. Popular everywhere in Europe, they developed a particularly enthusiastic following in Hamburg, Germany where they may have been an important early influence on the Beatles.”
Mede onder invloed van Indorock bands als The Javalins, The Black Dynamites, The Crazy Rockers en natuurlijk The Tielman Brothers bombardeerde Peter (en zijn Rockets) Koelewijn met “Kom van dat dak af” de eerste originele en tot dan toe ruigste Nederlandse productie van vaderlandse bodem tot een enorme hit.
Neerlands eerste popmagazine Tuney Tunes kreeg concurrentie van Muziek Express dat haarfijn de veranderde tijdgeest aanvoelde. Het blad ging een nauw samenwerkingsverband aan met Radio Veronica dat in 1960 vanaf de Noordzee zijn eerste uitzendingen verzorgde. Radio Luxemburg & AFN (American Forces Network) deden dat vanaf het vasteland. Van alle kanten werd de nieuwe beatmuziek gepromoot. Er was geen ontkomen meer aan!

Young, Loud & Snotty
Er is helaas nooit gedocumenteerd hoe Joost den Draayer het optreden van The Rolling Stones op 8 augustus 1964 in het Kurhaus getypeerd heeft. Maar was er bij The Beatles sprake van een siddering dan was de reactie op het optreden van The Rolling Stones toch aanzienlijk heftiger. Het heilige vuur ontstoken door de vonk die The Beatles hadden veroorzaakt begon nu pas echt op te laaien. Het gereedschap (gitaren, drums en versterkers) werd veelal op afbetaling bij de plaatselijke muziekhandel aangeschaft en houding en mentaliteit werden definitief bepaald. Het produceren van Beat van eigen bodem kon van start gaan. De beatgroepen schoten als paddestoelen uit de grond (volgens bronnen telde Den Haag midden jaren 60 zo’n 2000 bandjes). Met een gemiddelde leeftijd van 17 jaar zouden deze jonge luidruchtige snotneuzen met hun voortvarende aanpak de komende jaren het muzikale beeld bepalen.

Hieronder de HAIGS uit Den Haag, met twee nummers: That's The Way She Is en Never Die.



Nederbiet
Hitweek (zelfverklaard weekkrant voor jongeren, vakblad voor twieners) heeft de eer om de beat van eigen bodem van een eigen naam te hebben voorzien; Nederbiet. Niet alleen een pakkende term maar ook een naam die in de loop der jaren aan inhoud gewonnen heeft. Halverwege de jaren tachtig ontdekten we hier dat o.a. Amerikaanse neo sixties bandjes als The Lyres en The Tell Tale Hearts nummers van o.a. The Outsiders en Q65 niet alleen live coverden, maar ze ook op hun platen hadden vastgelegd. Ze noemden het Nederbeat alsof het een genre betrof. In een uitgebreid artikel in Bomp! (herfst 1975) werd nog geschreven over Dutch Rock. Ken Barnes schreef in dat artikel enthousiast over een “personal discovery of one of the most exciting mid-60’s rock scenes anywhere”. Series compilatie platen als Pebbles en Rubble hebben aparte volumes ingeruimd voor Nederbeat, waaruit blijkt dat Ken Barnes niet alleen stond in zijn ontdekking. De invloed van The Beatles en The Rolling Stones is duidelijk (maar dat was in andere landen niet anders het geval). Barnes noemt echter nog een aantal, en in één geval niet zo voor de hand liggende namen die de Nederbeat hebben beïnvloed, zoals The Pretty Things, Them en The Scorpions(!). De laatste groep niet zozeer vanwege hun beatversie van de rock ’n roll klassieker “Hello Josephine”, maar meer omdat ze als een van de eerste op het Europese vasteland in 1966 Gloria van Them coverden (The Gants en natuurlijk The Shadows Of Knight waren hun in Amerika al in 1965 voorgegaan) en daarna had ieder zichzelf respecterend beatbandje in den lande dat nummer binnen een mum van tijd ook op het repertoire staan. Overigens kreeg Them’s originele versie (1964) pas in juli 1967 een eerste hitnotering in Nederland. The Pretty Things waren in Nederland populairder dan in eigen land. Zo werd hun cover van Roadrunner alleen in Nederland als single uitgebracht. Van Morrison leende The Blizzards (van Cuby) om hem bij een aantal optredens te begeleiden. En ook van Them werden platen uitgebracht die exclusief voor de Nederlandse markt bestemd waren (o.a. Them One More Time). Zowel de houding als het rauwe geluid waarmee Them en The Pretty Things tijdens optredens het publiek te lijf gingen was zo aansprekend dat ze door de meest ruige beatbandjes werden gekopieerd. En gelet op de reacties op optredens van The Outsiders en Q65 op een behoorlijk indrukwekkende manier.

Beyond The Beat Generation
De televisie had nog even tijd nodig om het veranderende muzikale landschap in beeld te brengen. Er waren weliswaar jongerenprogramma’s als Rooster en Twien die de tijdgeest probeerden te volgen, maar de muziek speelde in die programma’s een ondergeschikte rol. Er was natuurlijk Top of Flop dat wèl alleen om muziek draaide, maar dit flauwe aftreksel van het Engelse Jukebox Jury was in de presentatie zo blijven hangen in een vervlogen tijd dat de geïnteresseerde beat liefhebber het nauwelijks serieus kon nemen. Bewegende beelden van de aanbeden beatgroepen kon je bij dit programma al helemaal vergeten (er werden plaatjes gedraaid). Had je de mazzel dat je binnen het uitzendbereik van de Duitse of Engelse televisie woonde, dan had je al kunnen genieten van een programma als Beatclub (eerste uitzending september 1965) Top Of The Pops (eerste uitzending januari 1964) of Ready Steady Go (eerste uitzending augustus 1963), waarin de groepen gewoon in levende lijve te zien waren. Bovendien had Beatclub de prettige gewoonte om ook afleveringen van Amerikaanse muziekprogramma’s als Hullabaloo en Shindig uit te zenden. Pas in oktober 1966 werd voor het eerst Moef Ga Ga uitgezonden. Eindelijk een programma waarin de muziek wel een centrale rol had. Al snel volgden Fanclub (later omgedoopt in Fenklup), Waauw en Twien, maar die behandelden ook andere aspecten van de jongerencultuur, zoals mode en film. Geen wonder dat oorspronkelijk beeldmateriaal uit de vroege periode van de beatboom schaars is.
Veel te laat zijn de diverse omroepen ook gaan inzien dat het in veel opzichten de moeite waard is om beeldmateriaal van vroeger te archiveren. Zoals vaker het geval is, waren verzamelaars al veel eerder tot dat inzicht gekomen. Ze onderhielden een levendige correspondentie, en probeerden zeldzame opnamen met elkaar te ruilen. Met de komst van het internet en You Tube is het zoeken naar archiefmateriaal een stuk eenvoudiger geworden. Nadeel is echter dat de het te versnipperd is. Natuurlijk worden er allang pogingen gedaan om al dat beeld­­ materiaal onder één noemer te brengen. Maar exclusief gericht op muziek uit de beat periode, dát wordt nog maar door weinigen gedaan. Eén van hen is Hans Kesteloo van Beyond The Beat Generation (1964-1968 Music Library, The Undiscovered Area of 60’s Underground). Hij heeft besloten om zijn gigantisch (maar lang niet complete) archief aan geluid- en beeldmateriaal te ontsluiten, en zijn kennis over deze periode met iedereen te delen. Samen met andere verzamelaars heeft hij zich ten doel gesteld is om al het beeldmateriaal onder te brengen bij Beyond The Beat Generation. Het gevolg is een schier oneindige speurtocht, en gelijk zijn slogan Saving the world – one clip at the time gebeurt dat wereldwijd.


















The Beat Goes On
Momenteel is Beyond The Beat Generation actief als een 24 uur non stop radiostation op het internet (www.beyondthebeatgeneration.com). Daarnaast bevat de site ook een groeiend archief aan beelden van de meest obscure beatbandjes uit die periode. Naast een uitdijende groep passieve luisteraars, wordt de site steeds meer bezocht door bezoekers die door mid­del van hun verhalen veel ontbrekende informatie aanvullen waardoor nieuwe bronnen aangeboord kunnen worden. Zo dragen ze actief bij om het archief zo volledig mogelijk te maken.
In het programma van vanavond hebben we slechts een kleine greep gedaan uit het beeldmateriaal archief van Beyond The Beat Generation. We hopen dat voor de aanwezigen de Soundtrack van hun leven door de beelden van een film is voorzien. Een film die hopelijk duidelijk maakt dat deze periode, hoe belangrijk en opwindend ze ook geweest mag zijn slechts een aflevering is uit een veel uitgebreidere serie. Of zoals in de woorden van de onvolprezen hoofdredacteur van Bomp! Greg Shaw (God bless),
“The point of a music revolution is not to replace today’s pop stars with a new slate; it is to kick out the jams! Riot in the streets! Do it now! Etc.
It’s about direct engagement, and the result of all that activity should be a better time for all, a party that will everyone coming back to do it some more. This is what rock ‘n roll at its best can provide, leading to the idea that perhaps rock ‘n roll itself should be seen not as a genre, not as a mere noun or even a verb, but also a process”.
On to the next revolution!

Picks & Chicks, Fixed in a Mix
(Een greep uit het programma)

Aan de hand van beeldmateriaal hebben we geprobeerd de ontwikkeling van de Nederbiet voor u te schetsen. Helaas kunnen we u de beelden niet mee naar huis geven (we hadden het u graag gegund) en daarom hierbij een korte samenvatting van wat vanavond vertoond is.
In het begin waren er de instrumentale combos. Van virtuoos, maar gewoon instrumentaal (The Hot Fighters) tot aan instru-MENTAL (The Tielman Brothers). Onder aanvoering van The Beatles en The Rolling Stones wordt de beat geïntroduceerd. Van oorsprong instrumentale bandjes gaan samenwerken met zangers (ZZ & De Maskers, Aart Brouwer met Johnny And His Cellar Rockers). Anderen laten zich niet zo snel van de wijs brengen en maken ondanks hun oubollige imago moeiteloos een ommezwaai naar de beatmuziek (The Torero’s, die met hun single “Come” een klassieker in het genre produceren). Reputaties worden opgebouwd (Jan Akkerman, Hans Hollestelle, The Golden Earrings). De laatste in Versie 1.0., dus nog met Frans Krassenburg (zang), Jaap Eggermont (drums) en Peter de Ronde (gitaar). De opvolger van de debuutsingle “Please Go” zou “Lonely Everyday” worden. Door de grammaticale fout op de B-kant (“Not To Find”) werd de single teruggetrokken. En tegenwoordig “only to find” op volume 25 van de Pebbles serie. “That Day” werd dus de officiële opvolger, maar ook afgebroken: The Haigs leveren met hun eerste single “Never Die” een van de beste Nederbiet singles af. Door o.a. excessief drankgebruik gaat het echter snel bergafwaarts met de band en zullen ze jammer genoeg vooral herinnerd worden als de groep waarin Barry Hay korte tijd zanger was).
Bands als The Pretty Things, Them en The Who blijken minstens zo’n grote invloed te hebben als The Beatles en The Rolling Stones. De Nederbiet zuigt al deze invloeden als een spons op en de bandjes schieten muzikaal gezien alle kanten op. Bijvoorbeeld Linda van Dijck (heden ten dage vooral bekend als actrice) die met de groep Boo & The Booboo’s de single “Stengun” uitbracht. Het door haar zelf geschreven nummer zou later bestempeld worden als freakbeat. Onder invloed (punt!) doet ook Psychedelia (Dragonfly, Groep 1850) voorzichtige zijn intrede, maar eigenlijk is dat weer een verhaal apart.
Nieuwsgierig geworden, en wilt u een aantal van de beelden terugzien?
Surf dan naar www.beyondthebeatgeneration.com

Glenn Minderman

Call Up The Search Party
Deze avond is opgedragen aan alle leden van de Search Party, maar met name
GREG SHAW (1949-2004), die het Dutch Rock artikel van KEN BARNES in zijn BOMP! magazine plaatste, en zo voor het eerst de Nederbiet serieus nam. Tevens stelde hij enkele van ons in de gelegenheid om PEBBLES Volume 15 (The Continent Lashes Back; The Netherlands 1965-1968)(AIP Records/1984) samen te stellen en zo Nederbiet op de kaart te zetten.
ALAN BETROCK (†), die met de fanzines JAMZ en Rock Marketplace Amerikaanse en Europese verzamelaars met elkaar in contact bracht.
DAVE GIBSON van het MOXIE Label waarvoor twee volumes “Flight To Lowland’s Paradise” (Moxie /1986) platen werden samengesteld met behulp van de singles verzameling van HANS SEEGERS.
BOUDISQUE (†2008) kwam met het verzoek om een beatselectie te maken uit de archieven van het Philips label. Zo ontstond de elpee “The V-Lips Greatest Hits” (Frizzbee/1986), met een cartoonhoes, getekend door Jan de Boer.
WILLEM de RIDDER. Één van de oprichters van HITWEEK (wees lullig, koop Hitweek) dat verantwoordelijk kan worden gehouden voor de term Nederbiet, en de eerste was die de jeugd in staat stelde om hun eigen geluid te laten horen.
FRANS STEENSMA. Startte al eind jaren zestig het fanzine THE ROARING SIXTIES. De plek waar voor het eerst overzichtsverhalen met discografieën gepubliceerd werden. Onder zijn leiding werd de Encyclopedie van de Nederlandse Popmuziek 1960-1990 samengesteld (Bonaventura/1990). Helaas is dit slechts bij één editie gebleven
HANS JÜRGEN KLITSCH. Zijn in de late jaren 70 in Duitsland uitgegeven, engelstalige fanzine GORILLA BEAT (Strictly Sixties) vond ook hier onder de liefhebbers gretig aftrek, en zorgde voor een schat aan informatie. In Nederland volgden gelijkgestemden GEORGE EVERS en ROELAND BAJEMA met hun fanzine FLASHBACK hetzelfde spoor. Ze zouden later samen met ROBERT BRIEL ook verantwoordelijk worden voor het boek NEDERPOP, 25 Jaar Popmuziek In Nederland (Het Spectrum/1982).
RICHARD GROOTHUIZEN. Zijn jarenlange speuren in de archieven van de Nederlandse Televisie omroepen heeft uiteindelijk geresulteerd in een standaard naslagwerk; POP OP TV 1960-1975 (Boek+DVD) (Universal/Avro, 2009).
MICHEL TERSTEEGEN. Bewijst dat de jonge luidruchtige snotneus - houding van alle tijden is. Als wereldwijd gerespecteerd verzamelaar, deejay, platenbaasje (KELT), zanger van THE OTHERSIDE, organisator van 60’s party’s, fanzine uitgever en eigenaar van platenzaak DA CAPO in Utrecht is hij in de geest van Greg Shaw altijd het spoor blijven volgen. Hang On In There, Michel!




























De Clips:

Hoofdprogramma:

The Tielman Brothers - Bossa Nova Baby

The Toreros - Fried Eggs

Aart Brouwer & The Cellar Rockers - Vies

The Rolling Stones - Not Fade Away

The Kinks - You Really Got Me

The Pretty Things - Midnight To Six Men

The Haigs - That's The Way She Is + Never Die

Johnny Kendall and The Heralds - Hoochie Koochie Man

Cuby & The Blizzards - I'm So Restless

The Golden Earrings - That Day
The Outsiders - Rothaanhuis
 1966
The Outsiders  - Lying All The Time

The Zipps - Kicks and Chicks

The Hamlets - Look Into Her Eyes

The Zipps  - LSD 25

The Motions - Every Step I Take

Shane - Gotta Hold On

Linda van Dijck – Stengun
Group 1850 - I Know, La Pense
Group 1850 - I Want More

The Bintangs - Please Do Listen

Dragonfly - Celestial Empire



Tweede deel  
"Voor de liefhebber".
– Na de pauze voor diegene die meer wil.


The Beatles - Some Other Guy

The High Numbers - Dance, To Keep from Crying

The Hot Fighters - Fighting

ZZ & De Maskers

The Toreros - Yeah Baby

Het - Keije Nagaan

Shane - Lady Bountifull

Roek Williams and The Fighting Cats - A Star

The Sparklings - Now, It's Your Turn To Cry

John Hatton & The Devotions - 
I Should Have Gone Away
The Sandy Coast - Sorry She’s Mine + May I Belong To You

Armand - Eén Van Hen Ben Ik

Johnny De Selfkicker - Magistrale Stralende Zon
















Speciale dank aan Rhys Davelaar voor de beeld- en geluidbewerking van de oorspronkelijke opnames, en Marieke en Sies van De Kring voor de organisatie en technische uitvoering. Ook Feddo Renier met zijn vloeistofdia's leverde een belangrijke bijdrage aan het gebeuren.

Foto's: Ernst Kraft van Ermel






BTBG is een website die al sinds 2003 de reeds lang vergeten rauwe klanken uit de jaren zestig archiveert en publiceert, via internet radio en sinds begin 2007 ook TV.
Het zwaartepunt ligt in de jaren 1965-1969, toen er ontelbare parels op de plaat gezet werden door ontelbaar veel groepen over de hele wereld.
24 uurs non-stop uitzendingen belichten Hippie muziek, Underground, jaren-zestig Punk, Flower Power, MOD, Garage, Teenbeat, Psychedelica, Beat, het beste, slechtste, krachtigste en gemeenste muziek ooit opgenomen.
Tijdens de jaren zestig waren alle tieners geobsedeerd door muziek, maar slechts een relatief klein aantal groepen brak door. Vrijwel alle bands wilden klinken als en eruitzien als The Beatles, The Rolling Stones, Pink Floyd, The Doors of The Velvet Underground.

Muziek was een beweging.
Muziek was een levenshouding.
Muziek was politiek.
Muziek was protest tegen het Establishment, de oorlog en de samenleving.


Op de website tref je een alsmaar uitdijende collectie aan van jaren zestig clips, concerten en allerlei andere muziek gerelateerde opnames.
Iedere stad en ieder dorp had zijn eigen beatgroep en clubs. Op iedere school speelde een schoolband covers van de nieuwste nummer uit de hitparade, zakgeld ging op aan platen en clubs. De meeste nummers werden op 4 sporen opgenomen en afgemixed in mono, het hoogst haalbare was een achtsporen opname. Een ander typisch verschijnsel was de leeftijd van de zangers, meestal zo tussen de veertien en negentien jaar.

www.beyondthebeatgeneration.com

donderdag 19 mei 2011

ZIP FASTENING













(Rhenen) (1967 - 1973)

Bezetting:
Rein Kuijer - Gitaar / Zang 1967-1973
Wim Kooi - Basgitaar 1967-1973
Huib Hendriks - Gitaar / Orgel 1967-1970
Pieter van de Schans - Dwarsfluit 1970-1973
Jan de Jong - Drums 1967-1968
Dick van Doorn - Drums 1968-1973
Kees Broekhuizen - Orgel / Piano 1972-1973

Repertoire:
De groep had een eigen geluid: Beat, Rock en Blues getinte nummers, soms muziek waar je je tijdens het dansen eens lekker op uit kunt leven en soms pure luistermuziek.
Er werden nummers gespeeld van o.a. Wishbone Ash, John Mayall, Fleetwood Mac en Jethro Tull, natuurlijk ook eigen nummers en in het begin wat soul zoals Mustang Sally, Knock on Wood en nog wat titels die veel bandjes speelden in die tijd.

Ook werden Eight Miles High (oorspronkelijk van The Byrds, maar in een bewerking van Golden Earring) en Song of a Devil’s Servant ook van Golden Earring gecoverd.

Optredens:
De band debuteerde in 1967 in Beatclub De Schuur, gelegen achteraan de Dijkstraat bij de ijsbaan.
Daarna wat lokale optredens o.a in De Ruif en op een personeelsavond van de SKF, maar al snel door het hele land, o. a. in Rotterdam, Den Haag, Delft en Utrecht.
Zip Fastening had in de grote steden meer bekendheid als in de eigen omgeving, en trad twee à drie maal in de week op, en werd ook vaak teruggevraagd.

Er werd over een topgroep installatie gespeeld, met een waarde van zo'n 20 mille, en men reed in een Mercedes bus naar de locaties.
Op 24 november 1972 vond de finale plaats van de Radio Noordzee/ Muziekparade Talentenjacht in de Nardinc sociéteit in Naarden, waar negen acts streden om de bovenste plaats.
De jury bestond uit Tony Berk en Ferry Maat van Radio Noordzee, John Brands namens muziek uitgeverij Basart, Eric Boom van Purple Eye Productions en Hans de Ruyter van Muziek Parade.

De inzet was een plaatopname bij Purple Eye, een artikel in Muziek Parade en de volledige steun van Radio Noordzee bij het verschijnen van de eerste plaat.
Bij de voorselectie, die 's middags gehouden werd, werd Zip Fastening ook uitgekozen voor de finale 's avonds, samen met een aantal duo's.
De jury omschreef de groep als een band die niet puur commercieële muziek speelt, maar zich de luxe van een geheel eigen sound kan veroorloven.
Na kort beraad werd Zip Fastening op de tweede plaats gekozen, na het Amsterdamse duo Bart van Schoonhoven & Ed van Toorenburg, die met algemene stemmen de talentenjacht wonnen en inderdaad ook een plaatopname realiseerden.

In 1973 probeerde de groep het nog een keer, met een aanmelding voor het AVRO programma 'Nieuwe Oogst', maar helaas werden ze niet uitgekozen voor een auditie.

Ook werd er in Duitsland opgetreden.
Zoals in het voorprogramma van een concert van de Britse blues-rock band Steamhammer, in Halle Münsterland in Münster.

Er werd gespeeld als invaller voor Livin’ Blues, maar daar kwam de band pas later achter.
Dat was wel schrikken, het was een concertzaal gevuld met stoelen.

Het verliep allemaal succesvol, ondanks dat Steamhammer ruim een uur te laat kwam, en Zip Fastening het publiek bezig en kalm moest houden!
Verder werd er gespeeld in Dortmund en de Ratskeller in Dannenberg.

Ook speelden ze op Popfestivals met o.a. Golden Earring, Cuby & the Blizzards, Rob Hoeke, Focus, Brainbox en The Bintangs.


In 1970 werd er in Arnhem een talentenjacht gewonnen, met als prijs een proefopname in de Phonogram studio.
Er werden drie nummers opgenomen, waaronder een versie van Bourée van Jethro Tull, te vinden op hun tweede album 'Stand Up'.
De platen manager wees Zip Fastening af omdat ze niet commercieël genoeg waren.
Een andere producer wilde wel, maar dan moest er voor meer eigen nummers gezorgd worden.

Zip Fastening had als één van de weinige groepen een vrouwelijke manager, de zus van gitarist/zanger Rein Kuijer, Coby.
Ze stelde de contracten op en reisde stad en land af voor optredens.

In het begin speelde ze zelfs af en toe basgitaar tijdens optredens.
"Toen Rein, samen met een paar vrienden een groep formeerde en intensief begon te oefenen, werd, wanneer er eens wat geregeld of opgeknapt moest worden, dit naar mij gedelegeerd. 
Op den duur rol je dan zo in het managen", aldus Coby in een interview.
(met dank aan Rein Kuijer)

DOWNLOADS:
Onlangs dook er een cassette op met daarop vijf nummers van de band, opgenomen in 1972.
Je kunt deze hier downloaden.
Een inlay en hoes zit er ook bij.
Het zijn fraaie nummers en de kwaliteit is prima, in feite de eerste goed klinkende opnames van een band uit de regio, die boven water is gekomen.

ZIP FASTENING - DEMOTAPE

22 augustus:
Tijdens het opruimen vond ik nog een oude band met een live opname van Zip Fastening.
De band was in slechte conditie, al na 10 seconden zaten de koppen van mijn recorder dicht.
Maar ik kon nog net horen wat erop stond.
De tape zat aan elkaar geplakt, liep constant vast en werd opgegeten door de spindel.
Na een paar maal heen en weer spoelen en vuil verwijderen kon de band weer afgespeeld worden.

Nadat ik een nog goede recorder van een compagnon heb geregeld kon ik de opname nog digitaliseren.
Ik denk dat het een opname is uit 1970 of 1971, in ieder geval zonder Kees.
Het is opgenomen, herinner ik mij nu, met een van de eerste cassetterecorders uit die tijd van Coby, die al heel snel stuk ging.
Daarom hoor je op de band veel gekraak, vervorming en weinig Zip Fastening.
Ik heb alvast een stukje kunnen redden en digitaal bewerkt van het intro van Song Of A Devil’s Servant” en dat uitgefaded toen het gekraak begon.
De rest van het nummer is verloren.

Hier te downloaden:

Song of a Devil's Servant

Veel plezier met deze m.i. leuke aanvulling van bijna 5 minuten.

Hieronder nog een stuk veilig gestelde Zip Fastening.

Opgekrikt uit het bijna niets.
(gemiddeld geluidsniveau was 10 tot 20dB voor de kenners onder ons, terwijl 89dB normaal is).
In het begin slaat de recorder helemaal dicht en heb ik toch nog door van bepaalde stukjes het volume te manipuleren het als geheel opgenomen.
Niet mooi maar wel compleet.

Verder heb ik het voorlopig zodanig geremasterd dat de drums er aardig uitspringt.
Zo was het toen op dat moment.
Zelfs nog met een beetje applaus.
Jethro Tull was toch iets beter!

Hier is Dharma for One te downloaden

Een hoop herrie van een paar jongens van rond de twintig die een leuke tijd hebben gehad.

Rein speelde op een  Epiphone Casino gitaar, net als John Lennon.
Epiphone was een duur topmerk, dat later werd overgenomen door Gibson.
Nu is Epiphone een B-merk van Gibson, voor zo ver Gibson nog zal bestaan.
De gitaarhals is gebroken tijdens een optreden in Ede door omvallen, net als bij zoveel gitaristen in die tijd.
In de Weerwolf (1968/69) zag ik de Gee-Bros uit Apeldoorn.
Ik was toen helemaal stuk van de Gibson SG Standard, want met de half-akoestische kon je niet hard spelen, die ging “rondzingen”
Jan de Hont van de Maskers had er later ook één.
Toen verkocht alleen De Vreng in Amsterdam Gibsons.
Een bestelde gitaar werd bij je thuisbezorgd.
Mijn gitaar had nummer 3.
Het serienummer verwijst naar 1968.
Ik bezit deze oude SG Standard nog steeds en dat blijft ook zo ongeacht de waarde.

Rein

woensdag 24 november 2010

TURF & SIGAREN

1975, het gaat niet erg goed met de Veense Wereldwinkel. Een nieuw initiatief is de verschijning van Turf & Sigaren, een maandblad vol kritische verhalen over het Veense.
Het eerste nummer werd groots welkom geheten, niet in het minst door een artikel over voetbalvereniging DOVO, waar zelfs het Utrecht Nieuwsblad een artikel aan wijdde. Ook werd een grote brand bij de Boxal beschreven, waar volgens bronnen een politieke partij achter zou zitten. Hierboven een collage van de aankondiging en het eerste en tweede nummer.
(opklikken voor een leesbare afbeelding)

EEN GOEDE START
„Naar ik onlangs heb vernomen, zal er binnenkort een Veenendaals maandblad verschijnen dat zich tot taak heeft gesteld een wat kritischer blik te geven op het reilen en zeilen van het huidige Veenendaal. Met groot enthousiasme juich ik dit idee toe, daar naar mijn mening de plaatselijke kranten af en toe wel eens wat te vlug over bepaalde zaken heenlopen.
Tevens wil ik vanaf deze plaats u waarschuwen voor een teveel aan kritiek in uw maandblad. Dit is naar mijn idee namelijk een van de grootste gevaren waaraan u bloot zult komen te staan. Niet dat een teveel aan kritiek op zich erg zou zijn maar de stap van teveel kritiek naar roddel is slechts klein.
En u zult het met mij eens zijn, dat het zeer jammer zou zijn, wanneer dit unieke experiment voor Veenendaal een ordinair roddelblaadje zou worden waar totaal geen kracht meer vanuit zou gaan”.
(C.A. te V.)
Zo begint een ingezonden brief in het eerste nummer van „Turf en Sigaren”. Dat is een nieuw maandblad van de Wereldwinkel Veenendaal, dat zich kritisch wil opstellen met betrekking tot het Veenendaalse gebeuren.
Zonder meer een lofwaardig streven, want een regelmatige stroom van opbouwende kritiek is nooit weg. We leven tenslotte in een land met persvrijheid en het zal de eerste keer niet zijn dat een kritische beschouwing of begeleiding duidelijk invloed heeft op de gang van zaken.
Tot zover kunnen we volledig met de initiatiefnemers mee gaan. Toch verdient de waarschuwing die verpakt is in bovenstaande ingezonden brief ook alle aandacht. Inderdaad is de stap van teveel kritiek naar roddel slechts klein.
De grote vraag is of de samenstellers van „Turf en Sigaren” dat gevaar in volle omvang beseffen. Bij de uitgave van het eerste nummer is het te vroeg om hierover een oordeel te vellen. De praktijk zal moeten leren of de inhoud van het maandblad blijft stoelen op zuivere feiten of dat de samenstellers puur persoonlijke visies gaan uitdragen.
Dat laatste zou jammer zijn, want -zoals al eerder is opgemerkt- er kan in Veenendaal best een kritisch c.q. opiniërend maandblad bij.
Eén ding moet ons wel even van het hart. Als „Turf en Sigaren” schrijft dat Veenendaalse kranten zich niet kritisch durven opstellen, dan leest de redactie blijkbaar niet alle dagbladen die in Veenendaal verschijnen. Dat is een zwakke schakel als het gaat om een gemotiveerd persorgaan op de markt te brengen.
Afgezien daarvan is de eerste uitgave van „Turf en Sigaren” een goede start. Hopelijk blijft de kwaliteit het winnen van de kwantiteit en gaat kritiek niet over in roddel.
(Gezellig Winkelen, 5 november 1975)

SUZIE Q
Veenendaal ligt nog steeds in de provincie

Middenstanders zijn nijvere lieden, die regelmatig het interieur van hun pand vertimmeren in de hoop meer klanten te trekken en zodoende de winst te vergroten.
De eigenaars van de Veenendaalse bar-dancing Suzie Q hadden ons via de plaatselijke bladen al uitgebreid geïnformeerd over de verbouwing van hun bedrijf. Op donderdag eerste Kerstdag vond de heropening plaats.
Er werd nog geen entree geheven en Alexander (Truus) Curly trad er op.
Jaren lang was er voor de jeugd in Veenendaal niets te doen. Enige jaren geleden kwam hierin verandering. Met de steun van een gemeentelijke subsidie werd Suzie Q van de grond geholpen. Er volgden gouden jaren voor de eigenaars. In de jaren 1972 en 1973 kwam het regelmatig voor dat er meer dan 1000 bezoekers waren. De beste popgroepen van Nederland traden er op. Vorig jaar (1974) waren er nog optredens van Alquin en Kayak.
Toch kwam er de klad in. Wilde Suzie Q een zeer winstgevende onderneming blijven, dan moest het in de smaak blijven vallen van het grote publiek en dat publiek wilde opeens geen betonnen vloer meer. Het wilde een luxe inrichting en de mogelijkheid tot stijldansen. Vandaar de verbouwing.
Op eerste Kerstdag was het resultaat van enige weken hard werken te zien. Men was er in geslaagd om de herinnering aan de fabriekshal, die Suzie Q oorspronkelijk was, weg te werken. De vloer bleek te zijn voorzien van een laagje parket. En de wanden waren afgedekt met een soort Desso-tapijt. Door de verbouwing zijn twee ruimtes ontstaan: een diskotheekruimte en een zaal waar showorkesten zullen optreden. Op eerste Kerstdag stond daar Alexander Curly in een wit satijnen hemd te zweten. Het was zo donker als in een tunnel met noodverlichting. De ventilatie was nog net zo slecht als vroeger.
De eigenaars gokken op de komst van een ander publiek. Door middel van een hoge entree voorkomt men, dat scholieren-met-alleen-zakgeld er te veel zullen komen en door de semi-luxe inrichting trekt men die mensen aan, die van mening zijn, dat het woord "Pop" de afkorting is van populaire muziek.
Het geheel lijkt op een bier- en danstent in het Oosten of Zuiden van ons land. En daarmee wordt dat smoesje van "Veenendaal is Randje Randstad" weer eens doorgeprikt. Veenendaal ligt gewoon in de provincie.
Wat is het gevolg van dit alles? Naar het zich laat aanzien een vette winst voor de eigenaars van Suzie Q en het einde van een plaats waar men naast dronken ook stoned kon worden en waar naast kommerciële muziek ook plaats was voor optredens van Neerlands beste popgroepen.
Zonder de vaak agressieve sfeer van deze dancing te willen verheerlijken is er toch weer een stukje 'stad' in Veenendaal verloren gegaan.

Turf & Sigaren, Nr. 3 - Januari 1975

BAH!

In Veenendaal is uitgaan een rare zaak. Wie 's zaterdagsavonds eens wil kijken wat er te koop is in het plaatselijke uitgaansleven, valt van de ene verbazing in de andere. Let vooral op bij de cafe's in de buurt van de Zandstraat.
Twee vallen daarbij erg op: Old Inn en Valley Inn. Die gebouwen zijn als een vesting uitgerust. Je kunt niet zomaar binnenlopen, maar je moet aanbellen. Dan verschijnt er een uitsmijter, en hij geeft je een bon. Daar worden al je consumpties op aangestreept. Bij je vertrek moet je dan afrekenen.
Ben je de bon kwijt dan kost je dat vijftig gulden.
Bah, wat een wantrouwen.
Maar pas op: reken er niet te vast op dat u binnengelaten wordt. Je hoeft echt geen neger of gastarbeider te zijn: als je eruit ziet als iemand die niet al te veel geld gaat uitgeven, dan verzucht de uitsmijter zwetend: "Sorry, maar het is helemaal vol, je kunt er niet meer in".
"Dank u wel", maar de deur is al weer dicht.
Op een zaterdagavond hielden we een kort onderzoek bij Valley Inn.
Daar mochten we niet naar binnen, "want het was hartstikke vol".
Maar toen we een poosje in de regen bleven staan kijken, werd de één na de ander wel binnengelaten. Bij voorkeur zgn. 'stelletjes'.
Na een tijdje buitenstaan probeerden we het weer. Nu vlak achter een prachtig stel: de jongen met fijne witte boorden, ver over zijn colbertkraag, het meisje rook heel lekker.
Zij konden zo doorgaan, maar toen wij dat ook wilden doen, herinnerde de uitsmijter zich weer: "alles is vol, probeer het maar een andere keer".
"Jawel, mijnheer".

Na een uur voor de derde keer geprobeerd, maar, zonder blijk van herkenning: "sorry, helemaal vol, alleen vaste klanten".
Hoe kun je op zo'n manier ooit vaste klant worden?

Turf & Sigaren, Nr. 3 - Januari 1975

Een paar redactieleden van Turf & Sigaren op de nieuwjaarsreceptie van de burgemeester in 1975:

vlnr: Rein Bijkerk, Wim Bos, Arie van de Kraats


Zijn er lezers die meer informatie over Turf en Sigaren kunnen geven?

woensdag 25 augustus 2010

PvdA MEIFESTIVAL Utrecht, 7 mei 1966




Dit 'mei' festival, gehouden op zaterdag 7 mei 1966 werd door een aantal Veenendalers bezocht.
Met de trein vertrokken ze naar Utrecht, om al vroeg in de Jaarbeurs aan te komen.

Voor een toegangsprijs van fl. 2,50 hadden Hans Hiensch, Elly Dorrestein, Dick Vink, Jan Slagman en Gerard Davelaar (en waarschijnlijk nog een aantal mensen) urenlang entertainment in alle Jaarbeurs hallen.

Veel bekende koren, orkesten en artiesten zouden optreden.
Voor de jeugd:
The Golden Earrings
The Motions
The Torero's
The Low Down Blues Group 65
Boudewijn de Groot
en nog vele anderen.

Als hoofdact staan The Kinks geprogrammeerd!
Rond deze tijd staan The Kinks hoog in de Nederlandse Top-40, met het nummer "Dedicated Follower of Fashion".
Ook de 'Kwyet Kinks' EP vond gretig aftrek.

Er was veel publiek aanwezig, uiteindelijk zo'n 30.000 bezoekers, waarvan ruwweg tweederde jongeren.

In eerste instantie viel er weinig te beleven.
Het was voornamelijk wachten op de aangekondigde bands.
Het blijkt dan men weinig ervaring heeft met het organiseren van popconcerten.

Er staan houten klapstoelen voor het publiek en verder valt de combinatie van toespraken door PvdA kopstukken als Joop den Uyl en minister Vrolijk en optredens van Nederlandse artiesten als Karin Kent met ‘Dans je de hele nacht met mij’ niet erg in de smaak bij de festivalbezoekers.

De sprekers werden van het podium geschreeuwd en ook de smeekbeden van Henk van Stipriaan ("Als je van die stoelen flikkert, breek je je poten jongens") mochten niet baten.

De jongelui lieten luidruchtig merken dat zij niet waren gekomen om zich tot de PvdA te laten bekeren, maar voor de optredende beat bands.

Doordat in eerste instantie alles door elkaar, in verschillende zalen geprogrammeerd stond, werd er veel heen en weer gerend, om zo niets van de bands te missen.

Bij het optreden van The Motions in de Irenehal doorbraken enthousiaste jongeren de dranghekken.

Ze bestormden het podium, liepen microfoons en decors omver en zakten tenslotte met zijn allen door de vloer. Meisjes vielen The Motions om de hals

De instrumenten van The Motions werden ernstig beschadigd en hun elektrische installatie werd vertrapt.
Op veel plaatsen ontstonden vechtpartijen.

De 180 ordebewakers van de PvdA konden deze excessen niet voorkomen.

Het podium was half ingestort, en lag een groot gedeelte van de decors achter het podium.

Ze waren afgeknapt, waarbij sommige jongeren een lelijke val hadden gemaakt.

De ongeregeldheden waren zo ernstig, dat de radio uitzending onderbroken moest worden.

De VARA man in de studio zette maar een plaatje op: 'Shame and Scandal in the Family'.

Uiteindelijk besloot de organisatie alle beat bands in de Irene hal op te laten treden.
Gelukkig was het podium daar een stuk steviger, en zorgde de politie ervoor dat het redelijk vrijgehouden werd.

Met flinke tafels werd het podium gebarricadeerd, met zo'n vijftig agenten erachter, om in geval van nood direct te kunnen ingrijpen.

Er werden piramides van stoelen gebouwd, brandkranen opengedraaid en veel bezoekers werden kletsnat gespoten.

The Clungels en The Golden Earrings werden luid toegejuicht.
Tijdens de optredens waren er zo'n 12.000 mensen in de hal toegestroomd, waardoor het gedrang zo groot werd dat er een aantal mensen flauw vielen.
Die werden meegenomen achter het podium waar ze wat opgefrist werden.

Tussen de optredens door waren lange pauzes, en er werd met bierflessen en stokken gegooid.
Toen er werd gedreigd dat The Kinks niet zouden komen als het niet ordelijk werd, begon het publiek te scanderen: "We want The Kinks".

Herman Stok ging de maat slaan, maar toen werd de tekst gewijzigd in "Weg met Stok!".

Het hoogtepunt was toch het Kinks optreden.
(Ray Davies mèt snor!).

De manager eiste dat er voor hun veiligheid werd ingestaan, en na een uur vertraging werd de band via een haag van veertig politieagenten naar het podium geleid.

Vandalen hadden in de tussentijd de bordkartonnen kleedkamers afgebroken, stoelen vernield en een brandkraan in werking gesteld.

Tijdens hun optreden was het publiek te moe om de zaak nog verder te ontwrichten. De GGD onderhield een pendeldienst om de tientallen lichtgewonden af te voeren, de EHBO kwam handen te kort om de flauwgevallen jongens en meisjes weer bij kennis te brengen.
Na afloop bood de Irene hal de aanblik van op hopen gesmeten en voor een deel vernielde klapstoelen, verbogen hekken en massa's papier.

Partijsecretaris Eibert Meester zei, starend naar de puinhoop:
"Zo doen we het niet meer. 
Liever vijftienduizend gedisciplineerde bezoekers, dan dertigduizend op deze manier".

Hieronder een krantenverslag.

Het PvdA-festival dat zaterdag in Utrecht werd gehouden is een beetje een rommel geworden.
Dat wil zeggen in de Irenehal.
Deze ruimte was het strijdperk van politie, opgeschoten jongelui en beatmuzikanten.

In totaal zijn echter maar zes jongelui gearresteerd, maar de GGD moest wel een pendeldienst tussen de Jaarbeurs en het ziekenhuis organiseren, doordat tientallen jongelui lichte verwondingen opliepen.

In totaal 30.000 mensen van alle leeftijden hebben de 20-jarige verjaardag van de PvdA bijgewoond. 
Het begon allemaal keurig.
In vier hallen werd een programma gegeven, maar ongelukkig genoeg wisselden politieke sprekers en beatbands elkaar af.
Dit was voor 12.000 jongelui aanleiding 'om rotzooi te trappen', zoals de organisator, de heer E. Meester verklaarde.

Oorzaak van de wilde tonelen was voornamelijk het optreden van de Britse beatgroep The Kinks
Daar hadden de jongelui zich op verheugd en de band moest dan ook beschermd worden door 110 Utrechtse politiemannen en 180 ordebewakers.

Doordat het in diverse hallen al een rommel werd, besloten de organisatoren de Irene hal voor de rest van de middag voor de tieners te reserveren.

Alle beatgroepen zouden daar dan gaan optreden, terwijl in de andere hallen, de volwassenen feest konden vieren.
Een misser voor de organisatie was om de stoelen in de Irenehal te laten staan.
Deze werden al snel op elkaar gestapeld zodat men een goed overzicht op het strijdtoneel had.

Want dat strijdtoneel kwam er.

Voor het podium waren wel enkele stevige dranghekken gezet, maar de duizenden tieners hadden daar geen moeite mee.

Ze sprongen op het,  drie meter hoge podium, om hun enthousiasme voor hun muzikanten te betuigen.

Ook op de twaalf meter hoge richels langs de muren van de Irenehal stonden honderden tieners, die langs brandslangen naar boven waren geklommen.

Ruim een uur moesten ze wachten op de Kinks, want de manager vond het optreden niet verantwoord.

'Ze zijn tienduizend pond waard, en ik laat ze niet spelen in zo'n bende', riep hij steeds.

Toen dan eindelijk toch besloten werd, om de steeds maar 'We want Kinks' schreeuwende massa haar zin te geven, was de band verdwenen.

Na lang zoeken werden ze gevonden.
Ze moesten toen de Irenehal worden binnen gebracht.

Intussen waren de bordpapieren kleedkamers al door de tieners afgebroken, terwijl ook de vier brandslangen in werking werden gesteld.

Er kwamen nog zestig agenten in de hal, die een vervroegde nachtdienst kregen.
Tegen vijf uur speelden de Kinks dan eindelijk een paar nummertjes, maar doordat vele technische installaties waren vernield, viel er weinig te genieten.
Rondom het podium ontstonden af en toe vechtpartijen.

Er liepen constant broeders van de GGD in de hal om de gewonden per brancard af te voeren.
De politie onder leiding van hoofdcommissaris H. W. Offers oogstte niets dan lof van de PvdA-organisatie.

Zij heeft uiterst tactisch opgetreden en ook vele jongelui hebben er van versteld gestaan.

Zij konden de politie met hun scheldpartijen maar niet kwaad krijgen en waren daar zeer verwonderd over.

Hitweek:
Er zijn enkele gouden regels die elke organisator van een groot beat concert zonder meer dient toe te passen, anders loopt het onherroepelijk uit de hand.

Stoelen om op te zitten luisteren zijn uit de tijd.
- Het publiek staat en danst.
- Het podium dient zeker drie (ja, drie) meter hoog te zijn.
Omdat veel meisjes op de schouders van jongens gaan staan (resp. zitten) kunnen veel betalende bezoekers alleen maar ruggen zien bij een lager podium.

Om dit drie meter hoge podium is een anderhalf meter hoog podium gebouwd, waarop de ordedienst het opdringende publiek op een afstand kan houden, zonder dat zij het uitzicht op de muzikanten ontnemen.
Als het podium in het midden van de hal staat, is er een soort leeuwengang naar het podium toe gemaakt, zoals dat ook in circussen gebeurt.
Op het bovenste podium mogen alleen maar figuren komen die er thuis horen, zodat het publiek de artiesten voor zich alleen heeft.
Hitweek stelt voor dat zo'n (ideaal) podium door iemand gebouwd wordt en voor ieder te huur is.

Het Kinks concert in Utrecht was fantastisch.
Dat wil zeggen, de muziek die we hoorden was erg lekker.
We hebben jammer genoeg geen Kink gezien.
Alleen maar ruggen.
(Hitweek, 13 mei 1966)
Voor mij was het de eerste keer dat ik zo'n grootschalig evenement bezocht.

Ik heb mij er prima vermaakt en vooral The Motions en The Kinks gaven een goed optreden.

De houten stoelen waren allemaal veranderd in hoge stapels brandhout.  
(GD)

maandag 9 augustus 2010

JAZZ

Mik Thoomes en Jaap Drupsteen waren in het midden van de jaren zestig één van de beste (jazz) rhythm secties van Nederland.

In tegenstelling tot eerdere berichten hebben zij nooit de Wessel Ilcken prijs voor beste rhythm sectie ontvangen.

Grote jazzprijs 1967 voor Han Bennink

AMSTERDAM - De Grote Prijs van de Nederlandse Jazz, vier jaar geleden ingesteld onder de naam van de Wessel Ilcken prijs, zal voor 1967 worden toegekend aan de slagwerker Han Bennink.
De onderscheiding bestaat uit een van het Prins Bernhard fonds afkomstig bedrag van tweeduizend gulden en een door de VARA ter beschikking gestelde sculptuur van de schrijver-beeldhouwer Jan Wolkers.
De prijs zal op 21 december in het Amsterdamse Lurelei theater aan Han Bennink worden uitgereikt.
In vorige jaren was de onderscheiding bestemd voor de saxofonisten Herman Schoonderwalt en Piet Noordijk, bandleider-arrangeur Boy Edgar en pianist-componist Misja Mengelberg.
In het juryrapport van de Stichting Jazz in Nederland wordt onder meer gewezen op Benninks bijdrage tot de emancipatie van het slagwerk; een instrumentarium dat door deze actieve en creatieve jazzmusicus werd uitgebreid.

De 25-jarige Han Bennink werd in Zaandam geboren.
Hij koos het instrument van zijn vader, die slagwerker is in het Hilversumse Radio Philharmonisch Orkest.
In het Nederlandse jazzwereldje is Bennink jr. vooral bekend geworden door zijn slagvaardige spel in het combo van Misja Mengelberg.

Daarnaast speelde hij in alle belangrijke jazzgroepen die ons land kent: bij Pim Jacobs, Herman Schoonderwaldt, Piet Noordijk, maar ook bij een klassiek jazzensemble als dat van de Stork Town Dixie Kids.
Hij begeleidde verscheidene grote Amerikaanse jazzmusici die tijdens hun Europese tournee ons land aandeden.

Bennink behoort ook tot de groep slagwerkers die zich in de "New Thing" (de vrije jazz) thuis voelen.
Met een van de representanten van deze richting, de Amerikaanse altist John Tchicai, maakte hij een tournee door Zweden en Denemarken.

Benninks spel kenmerkt zich door 'n groot gevoel voor klankkleur, een persoonlijke, altijd stuwende en inspirerende stijl en een fors gehanteerde beat.
Hij is bovendien als een bijzonder variabel drummer te beschouwen.
(De Vallei, 22 nov. 1967)

Op de schoolzolder (van de Koningin Juliana MULO) werd veel jazz gespeeld. 
Jan van de Wolf is een keer door Mik uitgenodigd om samen met Jaap te jammen.

Hugo (broer van Mik) en ik waren getuige van deze jamsessie.
Van deze jamsessie zijn absoluut geen opnames gemaakt.

Cor Lagerwey bouwde versterkers voor de basgitaar van Jaap Drupsteen.
(Job Dorpema)

Later speelde Mik Thoomes (drums), samen met Jaap Drupsteen (bas) en Bert Jansen (1949-2002) (mondharmonica) in Virgin's Children, een popformatie, die nooit van de grond is gekomen.

Mik overleed in Groningen op 1 augustus 2010.

BERT JANSEN
Bert Jansen debuteerde als auteur in 1975 met de autobiografische jaren-zestig-roman 'Nozzing but ze bloes', in 1978 herdrukt als 'En nog steeds vlekken in de lakens' en in 1988 onder dezelfde titel herschreven voor de derde druk.
Bert zat met Mik op de kunstacademie in Arnhem.
In het boek wordt een hilarisch blues optreden van Jansen in Veenendaal beschreven op het popfestival 'Stick to Sticks', weer georganiseerd door Mik voor de Veenendaalse winkeliersvereniging.

Nog meer jazz met Jan Pilon die in 1975, samen met Henk van Hemert en Dick Schoonderbeek onder de naam Trio Treiter een LP uitbracht met de volgende nummers:
Kant 1: Anna, Jora, Panter, Spranino
Kant 2: Daisy, Moppie, Joy.

Titel van het album: Syndrome of Influence (Hemscho 001).

Private release, The Netherlands, 1975

Hoes ontworpen door Beppie van Bruchem.

Omschreven in verzamelaarskringen als 'Rare Dutch Modern Jazz with Great Breaks, Private Press, never been sold in shops, only at gigs' is het wel een schijf voor de liefhebber.

In tegenstelling tot bovengenoemde opmerking vond ik mijn exemplaar bij Muziek Staffhorst in Utrecht.

"Music can be described as free jazz - I can hear those Willem Breuker or Byard Lancaster influences here and there. 


The standout cut is the track called Sopranino: A wicked combination of funky beats and free music. 

I think this was their only release.

I hope you enjoy this rare piece of music as much as I do."






















TRIO TREITER OP YOUTUBE


NOG WAT JAZZ:

ROTORY PERCEPTION gaf een optreden in de Soos.
Helaas werd de bandnaam niet goed begrepen, en de band werd geïntroduceerd als
Road and Exception.

de bezetting was:
Job Dorpema - fluit
Jan Pilon - drums
Dick Schoonderbeek - bas
Han Troost - sax

en er werden nummers gespeeld als:
Witlof uit Schotland
Jans' eerste rijles en
Opoe en het afstapje
allen gecomponeerd door Han Troost.

BAS(S)ED ON TWO
bezetting:
Henk van Hemert - tenorsax
Han Troost - altsax
Dick Schoonderbeek/Ton Vroman - bas
Paul van Kreel - drums

Bas(s)ed speelde in de kleine zaal van Paradiso in 1971 met  Henk van Hemert op tenorsax,  Han Troost op altsaxofoon, Dick Schoonderbeek en Ton Vroman op bas en Paul van Kreel op drums.
Een dubbel-concert met Relax van Charlie Nanlohy en Bob Driessen.

MODUUL '72
bezetting:
Han Troost - piano
Dick Schoonderbeek - bas
Jan Pilon - drums

Een wapenfeit van deze band was een finale plaats op het Loosdrechtse Jazz Concours in 1972.
De band heeft in totaal ongeveer twee jaar bestaan.

Het Internationaal Jazz Festival 1972 behoort weer tot het verleden.
Zaterdag werd de finale van het amateur-jazz-concours, waaraan zeven van de oorspronkelijk 23 formaties deelnamen.
Na rijp beraad - de jury, die bestond uit de Amerikanen Jimmy Owens (voorzitter) en James Moody, de Belg Elias Gisterlinck en de Nederlanders Boy Edgar enWillem van Manen, bleek geweldig verdeeld - werd tenslotte een gedeelde eerste plaats toegekend aan Friends of Jazz uit Amsterdam en Wave uit Nijmegen.
Tweede werd de pianist Jan Rietman uit Doetinchem; derde Scarab uit Badhoevedorp, en op een gedeelde vierde plaats de Free Time Old Dixie Jazzband uit Bovenkarspel en Moduul '72 uit Veenendaal. 
Uiteindelijk werd de winnaar Friends Of Jazz, omdat er maar 1 wisselbeker beschikbaar was.
(De Volkskrant, 14 augustus 1972)

De Voorronde:
Moduul '72 uit Veenendaal was echt creatief bezig.
Niet overdreven overhalen om te imponeren, maar rustig voortkabbelend en werkend aan een stuk muziek dat velen deugd deed. 
De conclusie dat Nederland aan jazz nog echt wel iets te brengen heeft is voorbarig, maar het optimisme is gerechtvaardigd.
(Tubantia, 9 augustus 1972)

Moduul '72 uit Veenendaal met zeer avant-gardistisch werk eindigde bij de eerste zes.
(Art Provost in Het Vrije Volk, 14 augustus 1972)

EUTERPE
bezetting:
Arie Theunissen - sax
Mik Thoomes - drums
Han Troost - piano
Leo Coïni - gitaar
Rob Thoomes - bas

HORSESHOE BAND
Frans Albers - gitaar
Hans Smit - piano
Jacob Brederveld - plukbas

In de vroege jaren zestig was er een jazzclub aan de Nieuweweg: La Compagne, waar veel, toen nationaal bekende, jazzartiesten optraden als het trio Pim Jacobs met Rita Reys en Theo Loevendie.

Rijk van Rotterdam
Ook Rijk van Rotterdam was actief in de Veenendaalse jazzscene.
Hij trad verschillende malen op in 't Dingetje (Jazz & Poetry avonden) en de Soos, samen met onder anderen Paul van Kreel.
Rijk overleed op zaterdag 16 juni 2001 op 53-jarige leeftijd, hij was toen literator en kunstredacteur van de Arnhemse Courant.
Hij manifesteerde zich vooral als theater- en filmrecensent, en later ook als columnist.

Hij publiceerde twee boeken in de jaren tachtig:

De rookstoel op het groene laken (1984) Uitgever: L.J. Veen, 128 pagina's

NBD|Biblion:
In deze zeven verhalen treden mensen op die in een uitzonderingspositie verkeren of in het nauw zijn gedreven: een vluchteling, een vrouw die zich geen raad meer weet als ongehuwde moeder, enz. Mensen die zich niet willen laten manipuleren, maar juist wel erg afhankelijk zijn van anderen en daardoor agressief worden. 'De avondklok' is een uitschieter: een jonge vrouw laat zich door haar vriend beduvelen, maar hoe verneemt men pas uit de laatste regels. De auteur (geb. 1948), die debuteert, heeft het over mensen die nergens bijhoren, zoals de nauwgezette bediende uit het laatste verhaal, die door een jongere collega cynisch wordt buitengewerkt. Bizarre, ietwat naar het krankzinnige neigende personages worden in een directe, onopgesmukte taal op papier gezet. De sociale bekommernis van de auteur voor de zwakkere mens is duidelijk. Hij laat alleszins een eigen geluid horen.

Vechten (1985) Uitgever: L.J. Veen, 192 pagina's

NBD|Biblion:
In de eerste roman van deze auteur worden actuele thema's rond de opkomst van het neo-fascisme (Volksunie, Centrumpartij), racisme, drugs en incest verweven met de persoonlijke problematiek van een van de zogenoemde "kansarme jongeren". Deze jongen, Sim, ontwikkelt een groeiende afkeer van het gezin en het milieu waarin hij opgroeit. De vader is een dronken, racistisch en incestueus beest, de moeder een lijdzame heilsoldate, de zus een hoer en de jongere broer een dief en drugshandelaar. Door een toevallige ontmoeting met een burgerlijk kunstenaarsgezin denkt Sim te kunnen ontsnappen aan zijn bestaan. Helaas loopt ook dit op niets uit: hij wordt ook daar niet geaccepteerd. Een uitstekende en boeiende roman met soms deterministische trekjes, maar waarin de auteur erin slaagt zijn thematiek op overtuigende wijze onder de aandacht te brengen.
(Gerard Davelaar)

zondag 14 februari 2010

REUNIE HOEKELUMMERS

September 1999

Vanaf de jaren zestig (en zelfs al in de jaren daarvoor) zijn er door de ontspanningscommissie van de Gereformeerde Kerk in Veenendaal, weekenden voor de jeugd georganiseerd op het Kasteel Hoekelum te Bennekom. In september 1999 werd er een reünie georganiseerd voor mensen die regelmatig met de Hoekelum weekenden meegingen.
De reünie vond plaats op 23 september 1999 en werd op touw gezet door Piet Anbeek, Marijke Brederveld-Lubbers, Marjan Hoekstra-De Haas, Jeanette Coïni, Teun Hoekstra, Nel Van Reenen-Hootsen, Jakob Brederveld en Henny Verwey-Bekker.
Men werd rond tien uur verwacht en het programma zou doorlopen tot ongeveer 22.00 uur.
Hieronder het videoverslag wat van die bijeenkomst gemaakt werd, met dank aan Bas van Capelleveen, die zijn VHS band hiervoor ter beschikking stelde.
Mochten er mensen zijn die hun oorspronkelijke foto's en herinneringen met ons willen delen, neem dan kontakt op, ik zal er graag een langer stuk over plaatsen.
Hierboven staat de foto van de reünie (met dank aan Nel Hootsen)

Hoekelum Reünie - Film 1


Hoekelum Reünie - Film 2


Hoekelum Reünie - Film 3


Hoekelum Reünie - Film 4


Hoekelum Reünie - Film 5


Hoekelum Reünie - Film 6


Hoekelum Reünie - Film 7


Hoekelum Reünie - Film 8


Hoekelum Reünie - Film 9


Hoekelum Reünie - Film 10


Hoekelum Reünie - Film 11

vrijdag 15 januari 2010

HET JONGERENCENTRUM DE POMP

(en een internationale bromfietstocht)

Interview met Rob Broers op 13 januari 2010

„Er was een concurrentiestrijd tussen De Pomp en Suzie Q”, vertelt Rob Broers. „Het ging erom wie als eerste een actuele band wist te contracteren”. De Pomp was echter afhankelijk van gemeentelijke subsidies en diende zich ook aan regels te houden die door de gemeente Veenendaal waren opgesteld.

Rob, van oorsprong afkomstig uit Leiden, was medebestuurslid van De Pomp van 1969 tot eind 1972 en hij werkte in die tijd als meubelmaker bij de firma Specht in Rhenen. Zijn opleiding als meubelmaker volgde hij op de vroegere “Ambachtschool”, die in die tijd drie locaties in Veenendaal kende, t.w. naast de Kokse school aan de Nieuweweg, de Teekenschool aan de Kerkewijk en enkele barakken aan de Industrielaan op de plek waar nu het C.S.V. staat.

De Pomp was gevestigd in de voormalige Dr. Heksterschool op de hoek van de Tuinstraat/Sandbrinkstraat.
In twee doorgebroken en samengevoegde lokalen werden discoavonden gehouden en er vonden ook optredens plaats door landelijk bekende bands.

Later zou Rob in deze lokalen een bar met twee bierpompen bouwen. Onder De Pomp bevond zich een kelder met een kleine bar en door de week zat hier vaak een groep jongeren gezellig wat te kletsen. De Pomp had een vaste DJ, Kees (Conny) van Schagen genaamd.

De heer Jan van de Spek, die langere tijd de leiding had in De Pomp, vertrok in het weekend van 18 en 19 maart 1972.

In het afgebeelde programmaboekje schreef hij o.a. ten afscheid:

Er is een tijd van komen,
Er is een tijd van gaan,
De tijd van komen is gegaan,
De tijd van gaan is nu gekomen !!!!!!


De heer van de Spek was een bevlogen man en hij probeerde werkelijk op alle manieren wat van De Pomp te maken, maar hij was gebonden aan de regels van de Gemeente.
Zijn opvolger wordt de heer van Mill uit Arnhem. Mia Oomen uit Emmeloord kwam het team als jeugdleidster voor het ouderenwerk versterken en zij zette haar eerste stappen in De Pomp op 3 januari 1972. Er liep van januari 1972 tot januari 1973 ook een zekere Agnes stage bij De Pomp. In het programmaboekje wordt zij omschreven als “het meisje met het witte haar”.

De Veenendaalse jeugd viel de nieuwkomers wel mee, aldus een citaat uit het voornoemde programmaboekje.
Wim de Kaste heette hen namens het jeugdbestuur van harte welkom.

In De Pomp werd opgetreden door bijvoorbeeld:
22 januari 1972: Dizzy Man’s Band
5 februari 1972: Left Side
12 februari 1972: Radio Noordzee Drive-in show
19 februari 1972: C.C.C. Inc. (In 1970 haalt de band de pers door een commune te beginnen op het Brabantse platteland en als enige Nederlandse groep op te treden op het hoofdpodium van het legendarische popfestival Kralingen in Rotterdam juni 1970). Het schijnt dat zij weleens met een geit op het toneel verschenen.
4 maart 1972: Brainbox
18 maart 1972: September

Ook traden er de bands Yang (uit Amerika), Earth & Fire, The Sandy Coast, BZN, Livin’ Blues en The Bintangs op.

Rob herinnert zich een optreden van de Golden Earrings in garage Schoonhoven, welk optreden destijds door De Pomp georganiseerd werd.
De gage zou toen f. 4.500,- geweest zijn.

Volgens het programmaboekje van De Pomp traden er op 29 januari een aantal bands op in De Rijnhal te Arnhem, t.w. Soft Machine, Fleetwood Mac en Argent.

Een aantal jongeren die De Pomp bezochten gingen ook vaak naar de schuur bij de ijsbaan van van Appeldoorn achter aan de Dijkstraat, daar werden tevens regelmatig feestjes gebouwd.

In die tijd werd de Eierhal gekraakt door een groep bekende Veense jongeren en deze actie leidde tot een aantal gesprekken met de Gemeente Veenendaal. Het uiteindelijke resultaat was de oprichting van Suzie Q aan de Nieuweweg.

In de jaren 1966 en 1967 kwam Rob vaak met zijn broer en zijn vrienden bij Marrinelli en hij kan zich nog goed herinneren, dat ze dan uit een beugelflesje Grolsch bier dronken. Rob kwam in die tijd ook veel in De Ruif aan de Nieuweweg en op zondagmiddagen waren hij en zijn vrienden vaak bij Café Verlet, (later La Fleur en thans wokrestaurant Eastern Plaza) in Elst te vinden, maar zij gingen ook regelmatig naar het Raadhuis aan de Kerkewijk. De avonden werden doorgaans bij De Pomp doorgebracht.

Rob weet ook nog dat hij en zijn vrienden op 9 oktober 1970 een concert van The Rolling Stones in een uitverkochte Amstelhal in de RAI in Amsterdam bezochten.
Het voorprogramma werd verzorgd door Buddy Guy en Junior Wells. Simon Vinkenoog was de presentator van de avond. Bobby Keys en Jim Price waren de vaste gastmuzikanten van The Rolling Stones. Later op de avond speelden Leon Russell en Stephen Stills mee. Met dit optreden in Nederland (het laatste in hun "European Tour 1970), verdienden The Rolling Stones 140.000 gulden.
Het concert werd georganiseerd door Paul Acket.

De „setlist” zag er die dag alsvolgt uit:
1. Jumpin’ Jack Flash
2. Roll over Beethoven
3. Sympathy for the Devil
4. Stray Cat Blues
5. Love in vain
6. Prodigal Son
7. Dead flowers
8. Midnight Rambler
9. Live with me
10. Let it rock
11. Little Queenie
12. Brown Sugar
13. Honky Tonk Woman
14. Street fighting man


Rob was in die tijd een nogal ondernemende jongeman en Rob en zijn toenmalige vriend Ruud Bloeme gingen in 1967 op hun Puch op vakantie in Normandië. Ze reden boven Parijs langs naar de Ardennen en vervolgens weer naar huis.
Deze rit was nog maar een peuleschil vergeleken met hun vakantierit in 1968.
In die vakantie presteerden Rob en Ruud het om op hun Puch bromfietsen helemaal naar de Italiaanse wintersportplaats Aoste te rijden (ruim 900 kilometer).
Op de heen-en terugweg moesten zij door de Sint Bernhard tunnel, waar bromfietsen absoluut niet mochten rijden.
Ze hadden echter geluk, want doordat hun kilometertellers tot 60 kilometer doorliepen en ze een verzekeringsplaatje achterop hadden, wekten ze de indruk op lichte motorfietsen te rijden.
De Sint Bernhard tunnel was het jaar daarvoor in gebruik genomen.
De tunnel loopt van San Bernardino in Graubünden naar Hinterrhein en is 6,6 kilometer lang. Zij reden die vakantie plusminus 3000 kilometer door België, Frankrijk, Zwitserland en Italië en hadden slechts één keer een lekke band.

Hoewel het inmiddels al zo'n veertig jaar was geleden, kon Rob zijn Puch maar moeilijk vergeten en het bleef maar door zijn hoofd spelen.
Toen Rob enige tijd geleden zestig jaar werd, arrangeerde zijn vrouw stiekem een afspraak met een lid van de Veenendaalse oldtimer bromfietsenclub MAV.
Rob werd naar Renswoude gereden en wist absoluut niet wat de bedoeling van dit ritje was.
Hij werd naar een straat gebracht die hij niet kende en plotseling stopte de auto bij een huis waar een delegatie van de MAV club hem stond op te wachten met een Puch bromfiets, en Rob maakte na een lange tijd weer eens een ritje op een Puch.
Met zijn pre-pensioen in zicht heeft Rob inmiddels een Puch aangeschaft, en ook is hij lid geworden van de MAV oldtimer bromfietsenclub.

Jan Slagman

maandag 21 september 2009

WAAROM 'VEENS LAWAAI?'

De bedoeling is het verzamelen van informatie over jeugdcultuur in Veenendaal en omstreken uit de periode 1960-1985. Aan de hand van de verzamelde informatie zou dan een uitgebreid artikel of zelfs een boek kunnen verschijnen met daarin het complete verhaal uit onze jeugdjaren. Wie het gaat samenstellen is nog de vraag, het belangrijkste is nu het vergaren van de bouwstenen om tot een betrouwbaar en verantwoord geheel te komen, waarin iedereen die dat wenst zijn verhaal kwijt kan. Mocht er vanuit al bestaande organisaties geen belangstelling voor publicatie zijn, dan zal ik dat zelf organiseren. Vooral persoonlijke verhalen zijn belangrijk, omdat deze vaak niet worden vastgelegd, en alleen in kleine kring bekend zijn.
Het is belangrijk dat er verhalen, herinneringen en vooral fotomateriaal aangeleverd gaat worden om zo het benodigde tijdsbeeld te kunnen reconstrueren.

Stuur materiaal naar:
gerard.davelaar@gmail.com