maandag 7 mei 2012

BEATCLUB 't DINGETJE

Voor de zogenaamde 'vrije jeugd' was er niets te doen in Veenendaal, midden jaren zestig.
De gemeente probeerde daar in 1966 een positieve draai aan te geven door de leegstaande Kokse school aan de Nieuweweg tijdelijk te verhuren aan een aantal mensen die er een beatclub wilden beginnen.
De school was oud en vervallen, maar toch bestond de club van november 1966 tot de lente van 1969, toen het gebouw uiteindelijk gesloopt werd.
De oprichters van Beatclub N.V. 't Dingetje waren:
Henri Bruitsman
Peter Pilon (de latere huisarts)
Dick Vink
Eddie den Braber, die al snel weer verdween en
Dirk de Gooijer die er wat later bijkwam.

Bij de oprichting was Dick Vink de enige die een baan had, (bij de SKF).
De anderen waren scholieren.
De oprichting vond plaats ergens in 1966.
Na een bestuursoverdracht in 1967 bleef Henri Bruitsman over samen met zijn broer Fred en Hans Slotboom. Volgens Dick Vink waren bestuursleden medewerkers, die hielpen bij de organisatie.
Peter, Dirk en Dick stopten bij de overdracht van het oude naar het nieuwe bestuur, zoals aangegeven in de aktes.

BURGEMEESTER OPENDE BEATCLUB

De school op de hoek van de Hoogstraat en de Nieuweweg heeft aan de binnenzijde een metamorfose ondergaan, die nergens meer herinnert aan de "Kokse-school".
Nu is er de tiener- en beatclub N.V. 't Dingetje gevestigd, die gisteravond (18 november 1966) officieel door de burgemeester, vergezeld van de wethouders Koppenberg en Bastmeijer en hoofdinspecteur Dekker, werd geopend.
Hij scheurde, als officiële daad, een papieren lint door dat tussen de twee lokalen, die de club in gebruik heeft, gespannen was.
Het is de bedoeling van de directie dat er voorlopig op vrijdag-, zaterdag- en zondagavond gedanst zal worden.
Voor de eerste dansavond vandaag (19 november 1966), heeft men de band Lijn 6 naar het schoolgebouw weten te halen.
(Verderop een fotoreportage van dit optreden)
"Ik mag eraan herinneren dat ik enkele gesprekken met jullie heb gehad, waarin duidelijk werd gesteld dat ik bereid was mee te werken aan het zoeken naar een onderkomen, indien alle activiteiten binnen de perken van orde en wet enerzijds en fatsoen anderzijds blijven" aldus de burgemeester in zijn openingsspeech.
"Ik kan niet garanderen hoelang jullie van deze ruimte gebruik kunnen maken, maar als jullie eruit moeten, ben ik bereid weer te helpen zoeken naar een andere oplossing".
Zich speciaal tot de directeur van de N.V. wendend, zei de burgemeester:
"Jullie hebt een N.V. gesticht en ik neem aan dat je op eigen benen kunt staan. 
N.V. 't Dingetje vind ik een prachtige naam, waaruit nog van alles kan groeien. 
Misschien wordt 't Dingetje nog wel eens een Ding".
Een N.V. geeft aandelen uit en jullie hebben waarschijnlijk nog van alles nodig. 
Ik wil graag een aandeel kopen ter waarde van een tientje. 
Ik doe dit privé omdat de gemeente natuurlijk niets kan doen".

Behalve het kopen van het eerste aandeel bood de burgemeester een aantal flessen aan ("De flessen zijn grandioos leeg, je hoeft er niet meer aan te ruiken!"), voor de versiering van de bar.
De heer Vink, directeur van de spiksplinternieuwe N.V. bedankte de burgemeester voor zijn woorden. Hij zegde toe dat er altijd vier bestuursleden aanwezig zullen zijn om de orde te handhaven en beloofde plechtig dat iedereen die zich niet fatsoenlijk zou gedragen, eruitgezet zou worden.
De aanwezigen maakten na het officiële gedeelte een rondgang door de beide lokalen, waarbij de versieringen van muren een plafonds veel waardering kregen.

(De Vallei, 19 november 1966)
Personen: Peter Pilon, Dick Vink, Henri Bruitsman
 en Dick de Gooijer
We hadden een passende openingsact in gedachte.
Als je in de hal van ’t Dingetje binnenkwam zag je een aantal kinder wc-tjes.
Die wc-tjes waren zo klein dat je er niet goed op kon zitten.
Dus: wij naar de vuilnisbelt bij de Rode Haan en daar een grote oude fauteuil opgehaald.
Henri Bruitsman was de knutselaar.
Wat zijn ogen zagen, konden zijn handen maken.
Hij sloopte het zitgedeelte uit de fauteuil zodat er precies een wc-tje in paste.
Zo hadden we een "Royal WC".
Als openingsact moest de burgemeester in de fauteuil plaats nemen en vervolgens de wc doortrekken.
Een fotograaf van de Vallei zou dit vastleggen.
Echter wethouder Koppenberg, die in de plaats van de burgemeester kwam voor de openingsact, had hier geen zin in.
Scheisse ja.
We moesten er toen een klassieke opening van maken, met een strook papier in de deuropening, die de wethouder kapotscheurde.
(Dick Vink)
LES BAROQUES IN VEENENDAAL
Opnieuw komt er een landelijk bekende beatgroep naar Veenendaal.
Zondag, 7 mei 1967, spelen Les Baroques in N.V. 't Dingetje. Hun optreden begint om half drie. De toegang staat open voor leden. Binnenkort komt er een nieuwe langspeelplaat uit van Les Baroques, die al vier singles en een LP op hun naam hebben staan. (5 mei 1967)

HARDE BEAT IN RUSTIG DINGETJE

Gistermiddag (7 mei 1967) stonden ruim tweehonderd tieners uit Veenendaal en omgeving roerloos te luisteren naar de prestaties van één van de beste Nederlandse beatgroepen: Les Baroques.
Het concert werd gegeven in de Veenendaalse beatclub 't Dingetje.
De zes Baarnse jongelui ontnamen iedereen de lust tot dansen, overigens was daar maar weinig plaats voor, en dwongen alle beatliefhebbers ademloos te luisteren en te kijken naar hun muziek en show.
Het was dan ook vakwerk.
De muziek, meer dan duidelijk hoorbaar, werd goed gebracht.
De zanger van de band, Michel, scheen onvermoeibaar.
Al kronkelend en springend werkte hij zijn repertoire af, dat bestond uit keiharde beat en nummers, die twee jaar geleden nog jazz heetten, maar nu tot de Rhythm & Blues worden gerekend.
De techniek van de musici was bijna perfect.
Vooral organist René viel op door zijn vaak razendsnelle spel.
Alles was prima afgewerkt.
De groep had veel succes, al was dat niet zo duidelijk merkbaar: er werd niet geapplaudiseerd, niet geschreeuwd, niet gefloten.
Leider en basgitarist Robin vertelde: "Applaus gaat eruit. Er wordt bijna niet meer geklapt in beatclubs. We vinden dat ook fijn. Aan dat klappen en schreeuwen hebben we een hekel".
De band had ook een hekel aan de lichteffecten, die enkele jongens veroorzaakten door lampen aan en uit te draaien: "Ze doen dat vaker in beatclubs. 
Wij houden er niet van. 
Je moet het alleen met muziek kunnen en er verder niets bij nodig hebben".
Vanaf september 1966 bestaat de groep uit Michel van Dijk, zang, Frank Muyser op gitaar, saxofoon en mondharmonica, René Krijnen op de toetsen, Robin Muyser op basgitaar en Raymond van Geytenbeek op drums.
Over het publiek waren ze goed te spreken. "Het is een gezellige beatclub".
Volgens Robin maakte de club weinig verschil met een club uit de stad:
"Het is nergens zo ruig als men wil doen geloven".
(De Vallei, 8 mei, 1967)

Dirty Underwear in 't Dingetje

In de Veenendaalse beatclub N.V. Het Dingetje" speelt zaterdagavond de bekende Nederlandse beatgroep Dirty Underwear.
Deze Eindhovense beatgroep heeft vooral bekendheid gekregen door hun regelmatig optreden in de Eindhovense studentensociëteit De Wasscherij.
Hans (1946), Jacques (1945), Puck (1944) en Willem (1947) vormen de groep.
"We heten ook wel kortweg Dirty, en op het drumstel hebben we maar Dirty U gezet, maar officieel heten we Dirty Underwear," zegt Hans.
Jacques drumt, Puck speelt rhythm gitaar en als het moet ook mondharmonica.
Net als Willem en Hans zingt hij ook nog.
De basgitaar wordt bespeelt door Willem, Hans sologitaar.
Dirty is enorm goed, Het repertoire dat ze opbouwen met nummers van Wilson Pickett, The Animals, Otis Redding, John Lee Hooker en Solomon Burke is bijzonder goed en wordt op uitstekende wijze ten uitvoer gebracht. Peter Koelewijn gaat hun eerste single produceren, die door Dureco op de markt zal worden gebracht. Eveneens binnen afzienbare tijd volgt een optreden voor de TV.
Deze jongens vormen samen een zeer homogene groep en zij spelen soul-muziek, een bepaalde vorm van de oude Amerikaanse blues, waarbij de emotie een grote rol speelt.
Over het algemeen steekt deze doorleefde vorm van blues ver boven het normale beat peil uit.
De Dirty begint om half acht te spelen. (25 mei 1967)

Ook ouderen zijn welkom
BEAT JEUGD ZET ZICH IN VOOR ISRAEL

Vanavond wordt in de Veenendaalse beat club N.V. 't Dingetje een show- en dansavond gehouden waarvan de opbrengst bestemd is voor het actiecomité-Israël.
De avond wordt verzorgd door de Veenendaalse beatgroep As203, die samen met het bestuur van N.V. 't Dingetje volkomen belangeloos tot de organisatie van dit festijn is overgegaan.

Hans Hiensch, de zanger van de band, liep al enkele dagen rond met het idee iets voor Israël te doen.
Gisteravond kwam hij, samen met de manager van de beatgroep, Jaap Budding, plotseling op het idee een show te geven, waarvan de opbrengst ten goede zou komen aan Israël.
Onmiddellijk hebben zij contact opgenomen met het bestuur van beat club NV 't Dingetje, dat spontaan met het idee instemde.
De beatgroep speelt voor niets en het bestuur van de beat club stelt de zaal gratis ter beschikking.
De entree prijs kan ieder voor zich bepalen.
Wel is er een minimumprijs van fl. 0,75.
Ook ouderen zijn welkom: "Al is het alleen maar om de entree te komen betalen", zei Hans.
Gisteravond laat zijn de jongens nog begonnen met het maken van een aantal affiches, om zoveel mogelijk mensen van de actie op de hoogte te stellen.
Vandaag hoopten de leden van de band vrij van school te kunnen krijgen om nog eens goed te repeteren en een speciaal voor deze gelegenheid gecomponeerd nummer in te studeren.
De avond begint om half acht en gaat net zolang door, tot er genoeg geld is binnengekomen naar de zin van de organisatoren.
hr. Palache
De As2O3 band heeft zich al eerder een spontane beatgroep getoond.
Bij de geboorte van prins Willem-Alexander speelden zij op de markt in Veenendaal, vlak nadat het nieuws van de geboorte bekend was gemaakt.
Hopelijk wordt hun spontaniteit beloond met een grote opkomst, niet alleen van beat liefhebbers, maar ook van ouderen.
"Die krijgen ook waar voor hun geld", aldus solo-gitarist Jan van de Wolf, "want die kunnen gelijk eens zien hoe het er in een beat ciub aan toegaat. Het is echt wel de moeite waard".
De beatgroep speelt vanavond niet alleen gratis, As203 laat er zelfs een optreden voor schieten.
Ook van de beat club N.V. 't Dingetje is het een bijzonder mooi gebaar.
Normaal is de club op vrijdagavond niet gratis, As2O3 laat zij zonder meer hun ruimte gebruiken voor deze actie.
De opbrengst zal worden overgemaakt aan de heer Palache, voorzitter van de Collectieve Israël Bond.
(De Vallei, 9 juni 1967)


RUMOER ROND N.V. 'T DINGETJE

De Beatclub 't Dingetje kreeg van het nieuwe bestuur een nieuw interieur en exterieur.
Zowel veel ouderen als een groot deel van de jeugd is niet bijzonder te spreken over de huidige gang van zaken. "De gezellige sfeer is weg. Het is te commercieel geworden", zegt de jeugd.

De twee Veenendaalse jongens Karel Helder en Will van Essenveld zijn bijzonder verontwaardigd over bepaalde activiteiten van het nieuwe bestuur van de beat club N.V. 't Dingetje.
Zij beweren namelijk, dat dit bestuur onder valse voorwendsels en gebruik makend van hun naam, twee bekende artiesten heeft geëngageerd.
Overigens zijn zij niet de enigen die zich ergeren aan het gedrag van de nieuwe beatclub leiders.
Ook een groothandelaar in bier, limonades en wijnen, heeft nog een appeltje te schillen.
Hij wacht nog steeds op de betaling van enkele vrij grote en vrij oude rekeningen.

Grote schulden niet betaald
Karel Helder vertelt dat hij samen met Will van Essenveld de beroemde Belgische zanger Ferré Grignard had geëngageerd voor een optreden in een garage te Veenendaal in oktober (1967).
 "We hadden de zaak al helemaal mondeling met de manager van de zanger, Bob Majoor, geregeld. We hoefden alleen nog maar op te bellen waar en wanneer het optreden precies zou plaatsvinden".
Het voornaamste van deze zaak is echter dat de jongens na vele moeizame onderhandelingen een aardig bedrag van de gage van de zanger wisten af te pingelen.
Dit laatste kwam het bestuur van 't Dingetje ter ore:
"Zij hebben toen opgebeld en gezegd dat het optreden waarover wij met Bob Majoor hadden gesproken in 't Dingetje zou plaatsvinden".
De manager, die in de veronderstelling was, dat hij met Karel en Will te doen had, ging hiermee akkoord.

Hij beloofde zelfs ervoor te zullen zorgen dat de beroemde Amerikaanse gitaar-virtuoos Jimi Hendrix met zijn begeleiders mee zou komen, eveneens voor een zacht prijsje.
Zo werd ook dit buitenkansje voor de neuzen van Karel en Will weggekaapt.
"We kunnen er niets tegen doen", zegt Karel teleurgesteld.
"Alles is getekend, het contract opgesteld en de datum van het optreden bepaald".

Te jong
Will van Essenveld is zelf vanaf de oprichting van Beat club N.V. 't Dingetje lid van bestuur geweest. Enige tijd geleden heeft hij voor zijn bestuursfunctie bedankt.
"Ik kon mij niet verenigen met de werkwijze en het gedrag van het nieuwe bestuur", zegt hij. "Ik schaamde mij als ik in de club kwam de laatste tijd".
Het publiek dat 't Dingetje bezoekt is te jong.
"De jeugd beneden de zeventien jaar moet naar "de Instuif" gaan", zegt Karel, anders komt er volgens hem niets van terecht.
Ook over het gedrag van dit jeugdige publiek is hij niet erg te spreken:
"Ze drinken stiekem bier en cognac, en dat voor kinderen van 15, 16 jaar".
Er was nog iets waar ex-'t Dingetje bestuurder Will zich niet mee kon verenigen;
"De club wordt aan derden verhuurd", zegt hij.
Het oude bestuur huurt het gebouw aan de Nieuweweg nog steeds voor weinig geld van de gemeente: gas, water en elektriciteit gratis.
"Enkele leden van het oude bestuur verhuren nu het gebouw aan het nieuwe bestuur, maar dan natuurlijk voor meer geld dan zij de gemeente moeten betalen".
Will voelde er niets voor hieraan mee te doen.
Ook een groothandelaar in bier, limonades en wijnen, heeft meer met het oude bestuur op dan met het nieuwe.
Evenals de vorige leiders van de beat club, betrekken ook de huidige directeuren alle frisdranken van zijn zaak.
Vroeger had hij echter nooit te klagen over de betaling:
"Dat ging prima. 
Er werd altijd vlot afgehandeld … tot het huidige bestuur kwam. 
Ik wil het bedrag niet noemen wat ze mij verschuldigd zijn, maar het is wel de moeite waard".

Geruchten
Er gaan vele geruchten over 't Dingetje in Veenendaal.
Niemand weet wat zich tijdens de besloten fuiven in de club afspeelt.
De serieuze jeugd van Veenendaal zou graag zien dat er een andere gelegenheid voor de jeugd komt. Karel, Will en een ander ex-bestuurslid van N.V. 't Dingetje, Wim van Schuppen, om dezelfde reden als Will afgetreden, willen aan deze wens gehoor geven.
Zij zijn bezig met het zoeken naar een nieuwe, gezondere gelegenheid.
Daar zullen geen bands optreden en er zullen alleen personen van achttien jaar en ouder worden toegelaten.
Deze club zal een opener karakter krijgen.
Het is alleen zo moeilijk iets dergelijks te organiseren, zeggen de jongens, maar ze blijven zoeken naar de middelen en ruimte om hun doel te bereiken.
(de Vallei, 13 september 1967)

Geachte redactie,

Naar aanleiding van uw artikel 'Rumoer rond NV 't Dingetje' in de Vallei van  13 september 1967 willen wij het volgende commentaar geven.

De heren Will van Essenveld, Karel Helder en Wim van Schuppen, hebben nooit, ook niet vanaf het begin, in het bestuur van NV 't Dingetje gezeten.
Er is thans helemaal geen sprake van een nieuw bestuur, maar van een organisatorische leiding onder supervisie van het bestuur.

Onder deze leiding draait NV 't Dingetje nu zegge en schrijve 4 weken.
Het is dan ook erg raadselachtig hoe wij in deze korte tijd aan oude en grote schulden kunnen komen.
Temeer daar volgens het artikel zelfs de jeugd zegt, dat het te commercieel geworden is.
Verder worden wij door de zegslieden Essenveld en Helder van achterbakse praktijken beschuldigd, in verband met het engageren van buitenlandse artiesten.

De feiten zijn, dat bovengenoemde heren namens het bestuur van NV 't Dingetje (waartoe zij niet gerechtigd waren, omdat zij daarin geen zitting hadden) Ferré Grignard hadden geëngageerd om in een garage op te treden.
Hetgeen door genoemde artiest pertinent werd geweigerd.
De zaakgelastigde van Ferré Grignard in Nederland heeft hierna contact opgenomen met de organisatorische leiding van NV 't Dingetje over een optreden van Ferré Grignard in Veenendaal, hetgeen vanzelfsprekend door ons geaccepteerd is.

Het gezegde van Karel Helder; dat de jeugd beneden 17 jaar naar de Instuif moet gaan, vinden wij absurd.
Waarom mag de jeugd onder 17 jaar niet méér mogelijkheden hebben dan alleen de Instuif.
Waar dachten zij de jeugd dan mee bezig te houden, met dammen, schaken of tafeltennis soms? Indien de jeugd hiervoor werkelijk interesse heeft zijn er mogelijkheden te over bij bestaande verenigingen.
Het feit dat zij zich hiervoor niet interesseert blijkt wel uit onze druk bezochte middagen.

U, geachte redactie dankend voor uw medewerking door het plaatsen van dit artikel, verblijven wij,

De organisatorische leiding van NV 't Dingetje.
(27 september 1967)

Ferré Grignard zingt (en slaapt) in Veenendaal

Vrijdagavond a.s. treedt in beat club N.V. 't Dingetje" te Veenendaal de Belgische zanger Ferré Grignard op. Hij wordt begeleid door een eigen groep.
De Belgische protestzanger komt speciaal voor dit optreden in Veenendaal naar Nederland.
Om zeven uur begint hij zijn show die tot ongeveer 11 uur zal duren.
De Antwerpse zanger brengt protestliederen.
Hij is tegen de oorlog, hetgeen hij tracht te accentueren door het dragen van een hakenkruisje.
De zanger, die ongetwijfeld niet met geldzorgen te kampen heeft, houdt er in vergelijking met zijn collega's een eenvoudig leven op na.
Hij brengt de nacht van vrijdag op zaterdag in Veenendaal door, echter niet in een hotel, maar bij een der organisatorische leiders van de Veenendaalse beat club thuis. (5 oktober 1967)

Ferre Grignard: Bleue knaap met fijne liedjes

In beat club N.V. 't Dingetje concerteerde in 't afgelopen weekeinde de beroemde Belgische zanger Ferré Grignard met zijn begeleiders.
Een opvallend klein publiek kreeg na lang wachten enkele knappe, blues-achtige nummers te horen van het bijzonder homogene kwartet.
Vooraf speelde de Veenendaalse beatgroep Opus X, een band die nog heel wat gitaar- en zanglessen kan gebruiken.
Het is tenminste moeilijk aan te nemen dat beat behalve hard, ook nog vals kan klinken.

De muziek van Ferré Grignard streelde ieders oor.
Gezeten rond het podium luisterde het publiek, heel wat kleiner dan men verwachtte, ademloos naar de fijne liedjes waar een enorme rust van uitging.

Nergens was een element van beat te bespeuren.
Zelfs niet in de manier van optreden.

De vier musici zaten op stoelen op het podium in tegenstelling tot de meeste bands die springend en schreeuwend hun show brengen.

Ook waren er geen knallende drums, maar goed slagwerk op een Turkse trom en een tamboerijn, bespeeld door een drummer die zich er van bewust was dat slagwerk een begeleidende functie heeft; iets wat men in dit genre doorgaans maar weinig inziet.

De muziek schiep een intieme sfeer in het kleine zaaltje.
Er was een goed contact tussen publiek en musici.
Even werd de sfeer onderbroken door een boze vader die zijn dochter kwam halen, maar pa had gerust kunnen zijn, want hoofdinspecteur van politie W. C. H. Dekker hield een (betrouwbaar) oogje in het zeil.
Hij was erg tevreden over het gedrag van het publiek.

Kort en klein
Ferré Grignard trouwens ook.
Hij zei het liefst te spelen voor een publiek, dat gezeten rond het podium aandachtig luistert.
Even later sprak hij zichzelf echter tegen.
Op de vraag of de beatclub in de provincie nou erg verschilt van die in de stad antwoordde hij:
,,Zeker, in de stad slaan ze de boel kort en klein. 
Dat vind ik leuk. 
Zo krijg je veel mensen in de tent. 
Ik geef er zelf wel eens aanleiding toe, want door het afbreken van de boel komt het publiek tot een climax".

Een vreemde snuiter, die Antwerpse zanger, maar bepaald niet onsympathiek.
Achter een grote hoeveelheid haar gaat een bedeesd, gebrekkig sprekende jongen schuilt die pas voor het publiek durft te verschijnen als hij een flinke portie geestrijk vocht heeft genuttigd.
Zelf zegt hij hierover: ,,Ach, dan kom ik beter in de sfeer".
Zijn manager Bob Majoor:"Dan kan hij beter lallen", waarmee een bepaalde tong slag bij het zingen wordt bedoeld.

Het duurde overigens nogal lang voor hij het"lal peil" had bereikt.
Ferré, die om negen uur zou beginnen, verscheen om ongeveer kwart voor tien in de zaal, om half elf begon hij zijn voordracht die om elf uur al was afgelopen.
Toen hij eenmaal op zijn "zangstoel" zat viel het iedereen op, dat zijn hakenkruisje verdwenen was. Enige tijd geleden kwam Grignard namelijk in het nieuws toen hij in een interview met Willem O. Duys in het televisie-programma "Voor de vuist weg" beweerde tegen de oorlog te zijn en zijn protesten kracht bijzette met het dragen van een hakenkruis.
Het hakenkruis hangt nu echter in de kast vertelt Ferre: "Er was geen gading meer voor".

Het was dus een publiciteitsstunt?
"Nee, nee, 'iet was een protest. 
Ik meende het. 
Maar er was geen gading meer voor".

Zijn repertoire bevat trouwens geen uitgesproken protestelementen meer.
Volgens Grignard hoeft dat ook niet, want: "Elk lied is een protest, elk schilderij is een protest, elk boek is een protest".
Enige tijd geleden rezen er in Veenendaal enkele moeilijkheden rond zijn optreden.
Tussen enkele organisatoren ontstond een twist wie nu eigenlijk Ferre had geëngageerd.
De zanger zelf distantieert zich volkomen van deze zaak en beweert er "niets van te weten".
Hij weet ook niet waar hij de volgende dag zal optreden.
"In Hoorn", roept Majoor.
"In Kaap Hoorn", bevestigt Grignard ernstig.
Arme Ferre Grignard.
Muzikaal heeft hij echt wel wat te zeggen.
Zijn roem verdient hij.
Hij ziet er zelfs uit als een ster met veel allures, maar hij is zo verlegen.
(10 oktober 1967)

PUEM GEHEIMZINNIG OVER ,,AFKEUREN" VAN DOMICILIE BEATCLUB

Ambtenaren van de PUEM hebben dezer dagen een controle-bezoek gebracht aan het oude schoolgebouw dat nu 't domicilie van de beat club N.V. 't Dingetje is.
Zij hebben geconstateerd dat de leidingen van de elektriciteit vernieuwd moeten worden.
Voor de leiding van de beat club betekent dit, dat er grote kosten gemaakt zullen moeten worden en een onthutste Fred Bruitsman vertelde gisteren dan ook: ,,Ik ben druk doende om er nog voor te zorgen dat we kunnen blijven doordraaien. 
We zullen de onkosten zelf moeten betalen, zo werd ons verzekerd. 
Maar het kan best zijn dat er ets anders achter zit, dat ga ik ook uitzoeken".


Hoofdinspecteur W. C. H. Dekker gaf het volgende commentaar:
,,Ik heb er wel iets van gehoord. 
Ik weet dat de PUEM is gaan kijken. 
Voordat ik hier iets concreets over kan zeggen, wil ik eerst weten wat er precies aan de hand is".

De instantie, die natuurlijk wel het fijne van deze affaire weet is de PUEM.
Commentaar wenste men echter niet te verstrekken. "Ik weet er helemaal en dan ook helemaal niets van", zei een woordvoerder.
Ook verdere vragen werden door de PUEM genegeerd.
"We weten van niks", zo werd er bij herhaling gezegd.

Fred Bruitsman zei tenslotte':
"We hebben de brandweer ook al op bezoek gehad. Daarmee is nu alles in orde. 
Nu krijgen we weer met de PUEM te maken. 
Wie weet wat er achter zit".
(3 november 1967)


dinsdag 1 mei 2012

PERFUME GARDEN

In het personeelsblad van de VSW (Veenendaalsche Stoomspinnerij en Weverij) verscheen aan het eind van de jaren zestig een jongerenrubriek, eerst onder de naam M.K. (MiniKlanken), maar al snel getiteld Perfume Garden, vernoemd naar het programma van de Engelse disc jockey John Peel, wat uitgezonden werd via Radio London (BIG L).
De redaktie bestond uit Henk van Ginkel en Jan Sukkel.
De  onderwerpen  besloegen voornamelijk de jeugdcultuur en muziek, en na een aantal afleveringen werd besloten om een tijdschrift op te starten onder dezelfde naam.
Het eerste nummer was maar een paar pagina's dik, en de onderwerpen hadden niet zoveel om het lijf.
Wat de Veense burgerij wel schokte was de ondertitel van het blad "Tegen gevestigde orde, gezag en macht".
Men sprak er schande van, zonder ook maar één letter gelezen te hebben.
De verkoop vond voornamelijk plaats op straat, liefst op vrijdagavond in de Hoofdstraat.
Het blad werd ook gelezen in Almelo, Winterswijk, Oosterbeek, Nijmegen en Haarlem, maar hoe het daar kwam valt niet meer te achterhalen.
De oplage bedroeg gemiddeld zo'n 750 exemplaren en de burgerij vreesde te worden geconfronteerd met een nieuwe uitbarsting van het provotariaat in 't Veense.


PERFUME GARDEN - Het eerste nummer

Het eerste nummer verscheen maart 1969, onder redaktie van Henk van Ginkel en Jan Leskens. Marjo van Dijk was de redaktie secretaresse.
Het blad opende met een aantal LP besprekingen en hitlijsten.
Op pagina vier stonden een aantal kritische stukjes:

JEUGDRAAD
De jeugdraad, waarvan niemand nog weet of hij nu werkelijk eens een keer opgericht is, heeft nog steeds geen daden laten zien, na de vele woorden die er over gesprokenzijn.
De oprichting van een leuk jeugdcentrum waar indertijd sprake van was is vast en zeker als een pudding in elkaar gezakt.
Het was ook wel te verwachten met deze, bijna gepensioneerde opperhoofden.
De jeugdige frisse ideeën zijn natuurlijk getorpedeerd door de ouderen.
Zij vonden het blijkbaar allemaal even leuk om in het bestuur te zitten en hun kop in de krant te zien.

DE WEERWOLF
Het is enorm middeleeuws en waanzinnig, dat een stelletje conservatieve gemeenteraadsleden in Leersum het voortbestaan van de Weerwolf proberen te beëindigen.
Wij hopen, dat de jongens weer snel aan de gang kunnen gaan, want het is zo'n enorm fijne club.
Onze sympatie voor De Weerwolf.

Verder een artikel over dienstweigeren, de musical 'Hair' in London, uranium opslag en atoom energie voor vreedzaam gebruik en luchtvervuiling.

Alarmerende kreten in nieuw blad, maar:
Perfume Garden heeft het niet zo kwaad bedoeld.

Het was alleen 'n trekkertje.

Met paarse letters op een gele ondergrond verschijnt volgende week zaterdag (12 april 1969) het tweede nummer van Perfume Garden, het blad waarvan de eerste editie de gemoederen in de afgelopen week enigszins vermocht te verhitten.
Het krantje is kennelijk niet alleen gelezen door undergroundgangers, filosofen, scharenslijpers, dienstweigeraar en anarchisten voor wie het volgens het titelblad was bestemd, maar ook door onderkruipers, elleboogwerkers, driftkikkers en pessimisten, politiemannen en bureaucraten, tegen wie PG zich zei te richten.
De redactie van het blad kreeg kort na het verschijnen van her eerste nummer een paar anonieme telefoontjes, die bepaald onvriendelijke opmerkingen opleverden.
De naamlozen vreesden een nieuwe loot aan de provo struik in Veenendaal.

"Als 't moet, wel kritiek"

Henk van Ginkel (19) en Jan Sukkel (20) weten er meer van.
Zij hebben de stunt op tafel gezet, als (eind)-redactieleden van Perfume Garden, het blad dat iedere veertien dagen zal verschijnen tot lering en vermaak van overwegend jeugdige lezers.
Het eerste nummer heeft stof doen opwaaien in Veenendaal.
De politie zou "de zaak in de gaten houden', en enkele middenstanders, die teleurgesteld waren in de inhoud van het blad of vreesden nadeel te zullen ondervinden tengevolge van hun contacten ermee, lieten weten hun plaatsruimte graag ter beschikking van andere liefhebbers te stellen.


Reclame
Dat zijn de resultaten van de publicatie van Sukkel en van Ginkel, die nu hebben onthuld dat ze het eigenlijk allemaal niet zo scherp hebben bedoeld: de tekst op het titelblad van 't eerste nummer gelieve men te beschouwen als een misslag.
De (voor velen alarmerende) kreten missen elke vorm van achtergrond en diepgang, en illustreren hoogstens een "algemeen gevoel van onbehagen".

Ze moesten slechts dienstdoen als "trekkertje", zoals Sukkel het uitdrukt, als reclametekst die de aandacht moest vestigen op het bestaan van Perfume Garden.
En dat had het blad ook wel nodig, want in dat eerste nummer was voor het overige van enige inhoud nauwelijks sprake.
De eerste editie werd alleen verspreid om "toch vast iets te doen".
Wat het blad beoogd was tot op de avond van 1 april zelfs voor de samenstellers nog een raadsel. Daarom belegden ze een redactievergadering, waaraan zeven man deelnam, en gezamenlijk lieten ze zich op duidelijk laatdunkende wijze uit over het eerste product dat uit hun pennen was gevloeid, wat als vrij ongebruikelijk mag worden beschouwd.
Vervolgens bepaalde men zich tot het uitstippelen van een redactioneel beleid, en de bespreking van de zakelijke kant van de uitgave, van de wijze van verspreiding, van de advertentiepolitiek, en de taakverdeling.

Groeien

Er gingen stemmen op het blad te verheffen tot een in het hele land verschijnend epistel, door het via beatsocieteiten in de diverse steden te verspreiden.
Maar er rezen zoveel bezwaren -de jongens realiseren zich dat een "Veenendaals blad" niet in de "grote stad" zullen kunnen slijten- dat men zich nu maar beperkt tot een cirkel met een straal van vijftien kilometer met Veenendaal als middelpunt.
 "Later, als het allemaal goed loopt, kunnen we uitbreiden", aldus Henk van Ginkel, "dat moet groeien".
En dat betekende dat een medewerker die in Almelo domicilie houdt, eigenlijk voor niets ter vergadering was gekomen.
Hij zou de belangen van Perfume Garden in zijn woonplaats behartigen, en ook contacten leggen in andere steden, kortom, hij zou optreden als een van de sleutelfiguren die de communicatie van PG met de buitenwereld (voornamelijk bestaande uit "achtergebleven gebieden") op gang zou brengen.

Formule

Communicatie, het trefwoord voor de redactie van Perfume Garden.
De heren van Ginkel en Sukkel doen ernstig pogingen de doelstellingen van hun blad concreet te formuleren, en belanden bij "bevordering van communicatie'' waarna het woord "cultuur" ter sprake wordt gebracht naast "mentaliteit", zodat na enig aandringen tenslotte een formule wordt geboren: Perfume Garden wil de communicatie tussen de jongeren bevorderen, evenals het cultuurbesef, en pogingen doen verandering te brengen in een mentaliteit, die er ondermeer de oorzaak van is dat in Veenendaal in het weekeinde nauwelijks gelegenheid is om een avond uit te gaan.
Jan Sukkel en Henk van Ginkel zeggen bovendien rekening te houden met de mogelijkheid dat Perfume Garden zal worden beschouwd als vertegenwoordigster van een (jongeren-) groepsbelang, en dat het blad in die kwaliteit gehoor zal kunnen vinden bij, bijvoorbeeld, de gemeenteraad. "Zo kunnen we misschien wel wat voor de jeugd in Veenendaal bereiken"' verduidelijkt Sukkel.

Een andere component dan strijdvaardigheid behoort ook tot het programma van de redactie: men wil toneel- en cabaretvoorstellingen bespreken, enquêtes houden, en een klein beetje politiek bedrijven. "Maar als het moet zullen we ook scherpe kritiek laten horen", roept van Ginkel progressief.
Andere medewerkers van het blad wijzen hem terloops op het feit dat men de bijdragen van de adverteerders momenteel slechts node kan missen, maar Henk vindt dat je als redactie daarvan niet mag uitgaan. Het is overigens toch de bedoeling dat PG zich in de toekomst zelf financieel zal kunnen bedruipen.

Optimisme


Het tweede nummer van Perfume Garden mag Veenendaal volgende week zaterdag tegemoet zien, in een oplaag van duizend exemplaren.
Voorlopig zijn ze nog gratis te krijgen, maar daarnaast bestaat ook al de gelegenheid zich per kwartaal te abonneren, een combinatie van aanbiedingen, waar uit het optimisme van de samenstellers onmiskenbaar naar voren komt.

Veenendaal kan zijn vrees laten varen.
Perfume Garden wil geen revolutie ontketenen.
"Maar als het moet zullen we onze stem laten horen", kondigt de redactie aan. Wanneer en hoe dat gebeurt zal in het komende kwartaal wel blijken. De vader van Jan Sukkel zegt: "die jongens willen nu eenmaal ergens tegen zijn". Maar dat is iets wat van Ginkel stellig tegenspreekt.
PG bedoelt het niet zo kwaad.

(De Vallei, 3 april 1969)


De inhoud van het blad, onder redaktie van Sukkel en van Ginkel kenmerkte zich vooral door de ruime aandacht die aan muziek werd besteed, de 'pop'.
Dat gaat veranderen: "De pop gaat eruit, de politiek komt erin", aldus Gerard Davelaar, nu ook redakteur, samen met Sukkel. Henk van Ginkel heeft zich teruggetrokken, om zich te werpen op de public-relations ten bate van de beat sociëteit 'De Weerwolf' in Leersum.
Perfume Garden gaat een enigzins gewijzigde koers varen.
De medewerkers weren de pop en gaan er politiek voor in de plaats zetten.
Wat voor politiek dan? "Ja, wat er zoal gebeurt, het ligt er maar aan wat er voorvalt.
Er zullen diverse artikelen worden gepubliceerd", aldus eindredakteur Sukkel.

Wie PG's redaktie vraagt welke lijn nu eigenlijk wordt gevolgd, krijgt antwoorden die niet uitmunten door duidelijkheid.

De redaktie wil iets in Veenendaal bereiken, maar wat precies:
"We willen zover komen dat Veenendaal rijp wordt voor een jeugd sociëteit, vergelijkbaar met bijvoorbeeld Fantasio en Paradiso in Amsterdam", zegt Jan Sukkel.

Terwijl hij dat zegt tracht hij de duisternis te doorboren van de Soos, van de Gereformeerde Kerk bij de Vaartbrug waar het gesprekje plaatsvindt.
Er klinkt wat onbestemde muziek, hier en daar zitten jongens en meisjes aan een tafeltje, of aan de bar.

Is Perfume Garden links? Een vraag die resulteert in een ontwijkend antwoord. "Als je hier zegt dat je links bent word je er onmiddellijk van verdacht dat je met rode vlaggen de straat op gaat, en dat je revolutie wilt maken.
We binden ons niet aan één of andere politieke richting", haast Davelaar zich te zeggen.

Inmiddels is ook bekend dat PG het voornemen heeft een stunt in Veenendaal op stapel te zetten.
Er is gefluisterd over een bezetting van de Markt en het provoceren van de politie.
Eén en ander had veertien dagen geleden al moeten gebeuren, maar "bijzondere omstandigheden" staken er een stokje voor.
In eerste instantie werd de happening een week uitgesteld, maar opnieuw ging het niet door.
Wanneer PG deze manifestatie -om der wille van de publiciteit- wel zal laten doorgaan is niet met zekerheid te zeggen. Veenendaal is gewaarschuwd, het zal nog horen van PG, al bedoelt het 't dan niet zo kwaad.
De eerste zorg van de redaktie is overigens op korte termijn een lokaaltje te vinden voor haar redaktionele bezigheden. "We zoeken iets waar iedereen zomaar binnen kan lopen, iets waar ze je weten te vinden", legt Jan Sukkel uit.
"Op het ogenblik is deze soos hier zo'n beetje het ontmoetings centrum van de redaktie, je kunt niet alles thuis doen, dat is zo'n geloop ....

(De Vallei, 22 mei 1969)


In totaal verschenen er negen nummers van Perfume Garden.
Het redaktielokaal werd later gevonden aan het begin van de Brinkersteeg, tegenover het VRC voetbalveld, in een vervallen boerderij, waar ook Johannes Factotum repeteerde.

Een verbolgen notabel speelde me deze week een blaadje in de vingers, dat ietwat afweek van de gebruikelijke clubbladen en jeugdperiodieken, die in onze gemeente in een ononderbroken stroom van de stencilmachines komen.
Met was het eerste exemplaar van een geschriftje, zoals er op landelijk niveau zoveel verschijnen en weer verdwijnen.
Uitgegeven door een paar half volwassen mensen, die waarschijnlijk menen dat onze gemeente groot genoeg is geworden om zoiets te doen. Er moet maar eens stevig op de tenen getrapt worden en heftig tegen de schenen geschopt.
De inhoud is bij mij niet zo hard aangekomen als de vooraanstaande persoon die het mij, als was het een soort uitwerpsel, toestak, deed voorkomen.
Vergis ik me niet, dan kun je je voor twee gulden en een kwartje per kwartaal op het ding abonneren en dat is tegen die prijs dan alleen maar mogelijk omdat een aantal adverteerders - die misschien bij de redactie wel helemaal in de verkeerde hoek zitten - voor het grootste deel het stukje spuiwerk mogelijk maken.
Het is onder de titel "Perfume Garden" onder het volk gebracht.
Waarom het nodig is om hiervoor over onze landsgrenzen heen te grijpen is me al niet recht duidelijk. Ik vind het eerder een verzwakking van het ding."Hou je bij je moerstaal" is mijn advies in dergelijke zaken.
Aangezien ik op 12-jarige leeftijd al achter m'n vader aankloste om handlangerswerkzaamheden op de fabriek op te knappen ben ik zelf niet bij machte om de vertaling van de titel te leveren.
De jeugdige redactie zal daar niet rouwig om zijn, want het leek mij niet in de eerste plaats voor iemand van mijn generatie bestemd.
Uit nieuwsgierigheid heb ik de hulp toch ingeroepen van de oudste van onze Klazien die me zonder hulpmiddelen in vorm van woordenboeken duidelijk maakte, dat een dergelijke titel voor verschillende uitleg in aanmerking komt.
Letterlijk zou het betekenen: geparfumeerde tuin, "maar", voegde m'n kleinzoon kennelijk meet ingevoerd in dit soort zaken er aan toe, "er kan wat anders achtersteken. Zo'n titel is vaak een parodie op de inhoud en ze kunnen er best mee bedoelen "iets waar een luchtje aan zit, of zo".
Ik kan niet best in 'n dergelijke gedachtengang komen, want als je iets recht op de mensheid af wil smijten, begin dan met een klare en duidelijke herkenning.
Ik had er eenvoudig weg "stinkdingetje" of bijvoorbeeld "luchtverontreiniger" van gemaakt.
Ik geef toe, dat het niet handig geweest zou zijn, met het oog op het bijeengaren van de onmisbare adverteerders, die - ik heb ze nog meer nageplozen dan de inhoud - hier te goeder naam en faam bekend staan.
De andere helft van de inhoud was me beslist geen twee gulden vijf en twintig in de drie maanden waard, want ik ben evenals de redactie ook tegen politiemannen die me - terecht of ten onrechte - een bon aansmeren.
Dat is een menselijke trek, die in alle leeftijdsklassen voorkomt.
Ook houd ik er niet van dat ik onnodig word geschaduwd door de binnenlandse veiligheidsdienst en driftkikkers vraag ik nooit op de borrel, evenmin als gifkikkers die waarschijnlijk werden bedoeld.
Gesignaleerd werd verder, dat de jeugdraad die vorig jaar zo onstuimig van start is gegaan - om wat ouwe koppen in de krant te krijgen - daarna waarschijnlijk uiteen is gevallen om als privé-personen maar weer naar de televisie te gaan zitten kijken. Dat laatste veronderstel ik maar, hoewel het feit op zich steekhoudend is.
Vervolgens schrijven de geparfumeerde hoveniers, dat er zo nodig in de Hoofdstraat weer een nieuwe textielwinkel moest komen, terwijl men zo prinsheerlijk deze ruimte voor de jeugd had kunnen bestemmen.
Ook een waarheid als een ongeparfumeerde koe, maar vecht eens op een stuk of zes velletjes papier tegen de economische instelling van onze mensheid.
Haast zou ik zeggen tot de redactie: wacht nog 'es een paar jaar en je krijgt ook de kans om stevige winsten te maken op onder- en bovengoed en we zullen elkaar nog 'es nader spreken.
Wordt er echt niks voor de jeugd gedaan vraag ik me in gemoede af.
Of verpest dezelfde jeugd meer wat met pijn en moeite - al of niet met medewerking van ouwe knarren - is opgebouwd?
Het is toch wel een veeg teken, dat in een goed jaar drie instuiven noodgedwongen dichtgegooid moesten worden omdat er geen houden meer aan was.
Nee, het zijn beslist niet alle tuintjes die door de jeugd met parfum worden besprenkeld…
Wout Blauwkous, 28 maart 1969

dinsdag 3 april 2012

DE VEENSE

Het laatste Veenendaalse projekt waar ik (zijdelings) mee te maken had.
Hieronder de verschenen nummers op rij, en wat tekst wat ik op het internet aantrof.
(Gerard)

Uitgever "De Veense Publiekstijdschriften", Divisie Kwartaalbladen
Jaren 1982 - 1984, A4, Losbladig, gevouwen

Kwartaalblad met artikelen en interviews. In het eerste nummer o.m. een interview met grafdelver Cees Diepeveen, Rob Koppenberg en van Genderens dagboek. Tussen december 1982 en de wintereditie 1984 zijn acht nummers verschenen. Bij uitgave nummer 3, zomer 1983 werd een “reliposter”; Veense Zomer, uitgegeven met karikaturale advertenties. Deze deden bij de lokale middenstand nogal wat stof opwaaien. Gemaakt door Henk Roor (onder redactie van Wilma van Hoeflaken, met een kaart van Herman van Rijnbach) ons der andere met: Hoe rijden wij? Bekende Veenendalers over hun vakantie en 'Voor onze kleintjes'. Zeker voor die tijd tamelijk confronterend.
Bespreking Mats Beek - Schrijvers geturfd:
Er is een hoofdstuk opgenomen met vertalers en boekillustratoren. Beek is lyrisch over Jan de Boer, die aan de Kerkewijk woonde. Daar was ooit de Wereldwinkel gehuisvest en kwamen undergoundbladen als Turf en Sigaren en De Veense tot stand. ,,Dat laatste blad had bewust een schreeuwerige opmaak zoals van de Bild Zeitung. De Boer spreekt daarover. Grappig is dat Jan Hoedeman in een ander interview het daar ook over heeft.’’ Jan de Boer werkt tegenwoordig in Amsterdam. Met zijn boekomslagen behaalde hij vele prijzen en werkt nu voor grote uitgeverijen.
De Rijnpost, 27 okt 2010

Mats Beek weblog
In gesprekken i.v.m. het boek voor Van Kooten komen regelmatig de bladen/blaadjes 'Turf en sigaren' en 'De Veense' ter sprake. De bladen werden geschreven door een groepje jongelui rond de Wereldwinkel. Er zijn er maar een beperkt aantal van verschenen, maar ze weerspiegelden heel goed de tijdgeest van de jaren zeventig en zijn blijkbaar in het collectieve Veense geheugen blijven hangen.
Ik vroeg er ook Jan de Boer naar:

Mats: Je was in Veenendaal betrokken bij ‘Turf en Sigaren’ en bij ‘De Veense’.

Jan: Ja, bij beide. ‘De Veense’ kwam na ‘Turf en Sigaren’ en was beter. Die werd bijvoorbeeld ook verkocht bij Albert Heijn. Dat blad kwam uit op groot formaat en werd op glanspapier gedrukt. Zwart op wit en dan nog steunkleuren ertussen en dan heel bewust vormgegeven zoals de Duitse roddelpers eruit zag. En we gingen enorm door de bocht met van alles. Dat was echt de leukere opvolger van ‘Turf en Sigaren’. We maakten het voor een deel met dezelfde groep mensen.‘Turf en sigaren’ ontstond toen het minder ging met de Wereldwinkel. De helft ging studeren in Amsterdam en de scholieren bleven over. Dat waren o.a. Chris Anbeek, Wim Bos, Gerard Davelaar en Arie van de Kraats, een heel klein clubje eigenlijk. En later kwam ‘De Veense’ en toen deden bijvoorbeeld ook Jeroen Wielaert en Jan Hoedeman mee. Eens in de maand hadden we een redactievergadering en om de twee maanden was er een nieuw nummer. Er zijn er in totaal een stuk of zes van verschenen. We waren allemaal opgegroeid in Veenendaal en we hadden er een soort haat-liefdeverhouding mee. Ik heb er een hele fijne jeugd gehad, maar ik heb het ook gehaat: dat verschrikkelijke Veenendaal met al die gereformeerden, waar niets mocht. Turks Fruit werd er door de burgemeester verboden! Wij wilden kabaal maken. Mijn insteek was herrie schoppen, tegen allerlei zere benen aanschoppen en tegelijk toch een leuk en leesbaar blad maken. We waren links omdat dat bij de tijdgeest hoorde. Ik ben meer een sociaal-liberaal en ik was dat toen eigenlijk ook al.

Rein Bijkerk
Ook hij begint tijdens het interview over 'De Veense' en de voorloper daarvan 'Turf en Sigaren'. In mijn gesprekken met actieve en schrijvende Veenendalers komen die blaadjes reglematig ter sprake. Daar zou iemand nog eens studie van moeten maken:
Rein: Veenendaal is een plaats die sterke gemengde gevoelens bij mij heeft opgeroepen, maar waar ik wel heel veel mee heb. Ik moest denken aan de jaren tachtig, er was toen een satirisch blaadje ‘De Veense’. Ik zat in de redactie, maar omdat ik in de gemeenteraad zat publiceerde ik onder de naam Geesje van Geerestein, samen met een aantal anderen. Een paar jaargangen zijn dat geweest, helemaal opgemaakt door Jan de Boer, toen al, een Bild Zeitung-achtige stijl. En als je dat blaadje leest, zie je aan de ene kant het verzet tegen het calvinisme, tegen de vreselijke kleinburgerlijkheid en aan de andere kant zie je ook een soort liefde voor Veenendaal. De mensen die daarin schreven die hadden wat met deze plaats en wilden daar wat mee. Die waren niet tevreden, maar die bleven hier wonen en die wilden iets tot stand brengen, ze zagen ook de goede dingen. Dat gevoel is voor mij heel kenmerkend voor deze plaats.

Intolerantie handelsmerk van "De Veense"
Het kwartaaltijdschrift „De Veense" is ten onder. „Nooit van het blad gehoord", zegt u? U mag zich gelukkig prijzen. Alles wat met christelijk te maken heeft werd in het blad met journalistieke voeten getreden. Het goede achtte men kwaad en het kwade achtte men goed.
In 1982 vatte Jan Hoedeman met een aantal kornuiten het plan op een tijdschrift uit te geven. Jan Hoedeman en de meeste van zijn mannen waren al in de journalistiek werkzaam. De gedachte achter de geboorte van het blad was de leemte in de Veenendaalse pers ten aanzien van de achtergrondverhalen te vullen, stukjes over de Veense geschiedenis en lange interviews. Men zag een gat in de markt. „In principe was het de bedoeling het tijdschrift voor een jaar te laten verschijnen. Omdat het leuk liep plakten we er nog twee jaar aan vast. Om te voorkomen dat het niet meer leuk zou worden, zijn we er mee gestopt", zo deelde Hoedeman van „De Veense" mee.
…De intentie van menig verhaal is dat Veenendaal een levenloos dorp is, waar met name in de uitgaanssector niets is te vinden…
Reformatorisch Dagblad, 28 augustus 1985

(Digibron)

zondag 1 april 2012

1968 - BEATCLUB DE WEERWOLF

Beat-boerderij geniet al volste vertrouwen
Het bestuur van de beatclub De Weerwolf in Leersum werkt momenteel hard aan de verbouwing van de boerderij Het Hof, waar de beatclub is ondergebracht.
De rommel, die de verbouwing met zich meebrengt, wordt zaterdag tijdelijk opgeruimd omdat 's avonds de beroemde Nederlandse Rhythm & Blues vertolker Rob Hoeke in de boerderij zal optreden.
Daarna zal men weer  verder gaan met de verbouwing.
Op zaterdag 2 maart (1968) wordt de boerderij officieël heropend.
Vanaf 1 januari zijn er geen beat concerten meer gegeven, omdat de grote ruimte niet voldoende kon worden verwarmd.

Het actieve bestuur van de Weerwolf kijkt reikhalzend uit naar het moment waarop de boerderij weer in gebruik kan worden genomen.
"Die tijd dat we gesloten waren liepen we alle vier met de ziel onder de arm", beweert voorzitter Jaap van Kampen, "de club is een deel van ons leven geworden".
Jaap van Kampen is leerling van de Jan van Nassau kweekschool te Utrecht.

Naast zijn tijdrovende studie besteed hij elke vrije minuut aan de verbetering en het onderhoud van boerderij Het Hof.
Hetzelfde geldt voor penningmeester Henk van Geijtenbeek, die in de vijfde klas zit van de HBS op het Christelijk Lyceum te Veenendaal.
Ook de andere twee bestuursleden, de secretaris Rudy Broos, in het dagelijks leven kantoorbediende, en het all-round bestuurslid Rijk Meerbeek, pompbediende, offeren al hun vrije tijd aan de beatclub op.
Deze toewijding werpt tot nu toe de nodige vruchten af.
Het gemeentebestuur en de politie van Leersum zijn tevreden over de gang van zaken in de beatclub en verlenen alle medewerking.
Ook van de bevolking van Leersum die in het begin wat sceptisch tegenover de club stond, geniet het bestuur het volste vertrouwen.
De boerderij Het Hof heeft een plaats ingenomen in de dorpsgemeenschap van Leersum.
Binnenkort zal dit nog sterker blijken als ook andere verenigingen van de boerderij gebruik gaan maken.
Twee sportverenigingen en de accordeon vereniging Excelsior zullen Het Hof als clubhuis gaan gebruiken.

De Weerwolf: Drie bestuursleden:
vlnr: Henk Geijtenbeek, Jaap van Kampen
en Rijk Meerbeek
KACHEL
Het bestuur van de beatclub heeft hier geen enkel bezwaar tegen.
 "Wij hebben de boerderij toch alleen in het weekend nodig", zegt Henk van Geijtenbeek en voorzitter van Kampen voegt er aan toe: " Er zit ook nog een voordeel aan.
De verenigingen mogen van de boerderij gebruik maken, als ze zorgen dat er een houten vloer in gelegd wordt.
De gemeente betaalt de vloer, maar de verenigingen moeten hem leggen".
Jaap vindt dit niet meer dan een beleefdheidsgebaar tegenover het bestuur, dat het gebouw nu al sinds oktober onderhoudt.

Momenteel ligt er een stenen vloer in het gebouw.
De kachel heeft te weinig capaciteit, waardoor het 's winters binnen wel erg fris werd.
Daarom wordt overlegt om een aantal straalkachels aan het plafond aan te brengen.

Het bestuur van De Weerwolf werkt serieus en hard aan de taak die het op de schouders heeft genomen. Elke week wordt er vergaderd.
Dan worden de taken verdeeld en de nieuwe contracten besproken.
Momenteel zijn de vier jongens elke avond van zeven tot ongeveer half elf in de boerderij te vinden, omdat zij voor twee maart klaar willen zijn met de interne verbouwing.
De discotheek, die voorheen boven het podium was te vinden heeft men nu onder het dak aan de rechter zijwand gebouwd.
Hierdoor is het geheel wat intiemer geworden.
De disc-jockey zit nu ook dichter bij het publiek.
De rechter zijkant is geheel opnieuw betimmerd.
"Het hout konden we voor een krats op de kop tikken", merkt Jaap op.
Met hetzelfde hout heeft men ook de bar vernieuwd.

NAAM
De Weerwolf is sinds de start in oktober 1967 een club van naam geworden.
Dagelijks krijgt voorzitter van Kampen folders thuisgestuurd van theaterbureau's en wordt hij opgebeld door managers of een bepaalde band in Het Hof mag optreden.
"We nemen alleen bandjes waarvan we weten dat ze echt goed zijn.
Meestal zijn dat bands van naam.

Er loopt ook wel eens een minder bekende groep doorheen, zoals bijvoorbeeld As2O3 uit Veenendaal, die in maart hier op zal treden.
Maar die groep hebben we horen spelen en we weten dus wat we hebben gecontracteerd", aldus Henk.

De meeste bands die hier opgetreden hebben, willen graag nog een keer terugkomen, ook om het goede publiek wat hier komt.
Het bestuur van De Weerwolf zit nog boordevol ideeën.
Anderhalve maand tevoren contracteert het de bands.
 "Binnenkort zal op veler verzoek Makin' nog eens optreden en ook de Swinging Soul Machine zal Het Hof met een optreden vereren.
Deze zomer hopen ze nog een aantal topgroepen te engageren zoals The Golden Earrings".
Na 1 maart is de club als disco-bar ook 's zondagsmiddags geopend.

En dan zaterdagavond: Rob Hoeke!
"De voorverkoop was geweldig", zegt Henk en hij verwacht dat zaterdag de kaarten al vroeg allemaal verkocht zullen zijn.
Als speciale attractie probeert het bestuur in samenwerking met de fa. Zwolsman uit Leersum een kleurentelevisie op het podium te plaatsen.
 "Dan kunnen de bezoekers voor het optreden van Rob Hoeke de kleuren TV film zien van The Beatles, die zaterdag wordt uitgezonden", vertelt Jaap.
Men zal eerst proberen of men in de boerderij een goede ontvangst krijgt, mocht dat niet het geval zijn, dan wordt er een zwart-wit toestel geplaatst.
Het bestuur werkt onvermoeibaar door.
Steeds originele ideeën om de jeugd bezig te houden.
 "We hebben tot nu toe geen cent aan het zaakje overgehouden', zegt Jaap.
"Misschien in de toekomst ooit, dat mag ook wel, want we besteden al onze vrije tijd aan deze club".
(De Vallei, 9 februari 1968)

ROB HOEKE BEZORGDE LEERSUM JEUGDINVASIE

Perfect spel in Het Hof

In de boerderij Het Hof in Leersum speelden zaterdagavond Rob Hoeke en zijn Rhythm & Blues Groep voor een uitverkocht huis.
De beatclub De Weerwolf die deze avond had georganiseerd, was al vroeg begonnen met het geven van publiciteit aan het concert van Rob Hoeke, een van de beste vertolkers van de Rhythm & Blues in Nederland.
Uit de wijde omgeving stroomden jongeren per brommer, bus, auto of liftend naar Leersum en velen waren te laat om nog een kaartje te kunnen bemachtigen.
De teleurgestelde jeugd bleef nog geruime tijd rond de met ruim vijfhonderd mensen volgepropte beatboerderij hangen om toch nog iets van de muziek op te vangen.
Voor het optreden van Rob Hoeke kon de jeugd genieten van de TV film The Magical Mystery Tour van The Beatles.
In samenwerking met de firma Zwolsman uit Leersum had het bestuur van De Weerwolf een kleurentelevisie op het podium geplaatst.
Het TV optreden van The Beatles was organisatorisch juist gezien van het beatclub bestuur.
Vele jongeren wilden de Beatle-show immers voor geen geld missen en hadden er zeker Rob Hoeke voor laten schieten.
Nu kon men echter zowel The Beatles als Rob Hoeke zien. Beide programma's deden niet voor elkaar onder.

Gitarist viel uit de toon.
Rob Hoeke kwam met frisse en vooral swingende muziek. De homogene ritme sectievan de groep vormt een rotsvaste basis voor de jazzy improvisaties en fill-ins van pianist Rob.
Hij maakt ook uitstekend gebruik van de afgeronde begeleiding.
Duidelijk haakt hij zijn melodieën op het ritme in.
Solo-gitarist Wil de Meijer is deze kunst nog niet machtig. Zijn matige techniek weerhoudt hem ervan om in de soli van zijn muzikaliteit blijk te geven.
Hij is pas drie weken bij de groep en het is duidelijk te horen dat hij nog lang niet is ingespeeld.
Hij heeft nog niet de vaart en feilloze afwerking die nodig is voor spannend spel.
Het repertoire bestaat lang niet allemaal uit traditionals, toch hebben alle nummers een typerende sfeer.
Daarom mag de band ook de zo dikwijls misbruikte naam Rhythm & Blues Groep voeren.
Veel nummers die in de jaren dertig in de grote steden van de Verenigde Staten ontstonden.
Soms wat gemoderniseerd, en vaak met een niet traditionele bezetting viel deze muziek bij de jeugd bijzonder goed in de smaak.
(De Vallei, 12 februari 1968)

WEERWOLF WAS STAMPVOL

Swingende blues van transpirerende Cuby

In een overvolle en broeihete boerderij Het Hof te Leersum speelden zaterdagavond Cuby & The Blizzards voor de beatclub De Weerwolf.
Ondanks de hitte en het gedrang werd het een geweldig concert.
Misschien was het concert wel dankzij de genoemde omstandigheden zo goed, omdat er een heerlijke sfeer voor blues in de boerderij heerste.
Voor een optreden van Cuby en zijn Blizzards is zo'n sfeer onontbeerlijk, omdat de groep niets anders brengt dan zuivere blues, vertolkt met instrumenten van deze tijd.
Harry "Cuby" Muskee omschrijft zijn muziek als "geëlektrificeerde blues".
Muziek die invloeden onderging van Country- Chicago- en Delta blues en die gebracht wordt op een manier en in de vorm van deze tijd.
Het leed waardoor de blues voor het grootste deel is ontstaan kennen de Nederlandse musici niet.
Qua vorm is Cuby's blues van deze tijd, omdat de muziek niet gespeeld wordt met tweede-hands gitaartjes, maar met kostbare elektrische instrumenten en geluidsinstallaties.

Ondanks deze belemmeringen is de muziek van Cuby en zijn begeleiders eerlijk en aangrijpend en doet zij niets onder voor de blues die vijftig jaar geleden werd gespeeld.
De emoties zijn bij Cuby even aangrijpend als vroeger bij de klagende neger.
De Drentse zanger leeft zich namelijk helemaal in zijn tekst en melodie in.
Niet alleen zijn stem, maar ook zijn persoonlijkheid lenen zich bijzonder goed voor deze doorleefde muziek.
Dankzij zijn enorme geestdrift en concentratie hebben de muzikale emoties bij hem bijna evenveel waarde als bij de onderdrukte neger.
De manier van optreden van Cuby & The Blizzards is een opluchting.
De meeste beat- en popartiesten putten zich uit in het vinden van de meest bizarre en artistieke toneelkostuums en bewegingen tijdens het optreden. Cuby zingt gewoon, en zijn begeleiders spelen.
De groep houd zich alleen maar met de muziek bezig en vergeet zelfs het publiek.
Een oprechte manier van musiceren, die maar weinig artiesten meester zijn.
Ook hun techniek is formidabel.
Solo-gitarist Eelco Gelling heeft niet voor niets de reputatie de beste bluesgitarist van Nederland te zijn.
Van gelijke waarde zijn Jaap van Eijk, bas; Dick Beekman, drums en Herman Brood, piano.
(De Vallei, 1 Juli 1968)

Dank aan Kees van Voskuilen voor het beschikbaar stellen van deze informatie





OPTREDENS IN DE WEERWOLF:
1967
21 oktober GROEP 1850
30 december FUTURE

1968
10 februari ROB HOEKE R&B GROEP
23 maart As2O3
juli CUBY & THE BLIZZARDS
28 september FLEETWOOD MAC



Er hebben natuurlijk veel meer groepen opgetreden in De Weerwolf.
Ik heb echter nergens meer informatie kunnen vinden over deze belangrijke uitgaansgelegenheid. Mochten er lezers zijn die wat kunnen vertellen over hun belevenissen, of data van optredens door kunnen geven: aarzel dan niet dat te doen.

Ik ben verschillende malen in de Weerwolf te Leersum geweest en zag daar o.a. The Honest Man uit Enschede (de concurrenten van The Buffoons) en Hans Vermeulen met zijn toenmalige band The Sandy Coast).
De Weerwolf was een soort hippie boerderij, annex jeugdhonk aan de rand van het dorp.
Het toeval wil dat ik met mijn mijn gezin begin jaren negentig naar een camping in de Achterhoek ging en wat bleek, de eigenaar Henk Geijtenbeek, was één van de voormalige bestuursleden van de Weerwolf, en geboren in Leersum.
Op een avond zaten we aan de bar wat te praten en hij zei: “Wacht even, ik heb nog wat uit die tijd!”. Hij stopte een cassettebandje in de recorder, en hij vertelde, dat dit een live opname was van Fleetwood Mac in de Weerwolf, (28 september 1968, met Danny Kirwan, die pas een paar maanden bij de band zat) uit oktober 1968. "Albatross" was nog niet uit en zelfs "Need your love so bad" was nog maar net verschenen, en nog geen hit.
Fleetwood Mac trad daar destijds op voor een appel en een ei.
Ik heb hem toen gezegd om toch vooral zuinig te zijn op de opnamen.
(Jan Slagman)

donderdag 22 maart 2012

STICK TO STICKS

Eierhal na drie dagen zwoegen veranderd in enorme feestzaal

31 mei 1968

Vanavond zal het gebeuren, het grote Stick to Sticks feest in de Eierhal aan de, normaal zo rustige Achterkerkstraat te Veenendaal.
I
n de kale ruimte, waar vanmorgen nog varkens werden gewogen, dansen vanavond -naar de Jeugdraad in oprichting hoopt- zo'n achthonderd jongeren op dreunende beatmuziek in het flitsende licht van de vermaarde lichtmachine van Harry Dukker.

Op de normaal kale wanden zullen de exotische vormen en kleuren van injectie-dia's uiteen spatten. Topfiguren uit de Nederlandse pop- en jazzwereld zullen voor een publiek uit Veenendaal en wijde omgeving optreden.

Na wegen van varkens zal de beat losbarsten.
Vanaf woensdag j.l. zijn een tiental actieve jeugdraadleden en sympathisanten bezig in de vrije uren de eierhal om te toveren tot een ruimte die geschikt is om er een enorm feest te houden.
Alle wanden zijn wit gemaakt voor de projectie van dia's.

Midden in de eierhal is een lichttoren gebouwd.
Het grote podium staat in rechtstreekse verbinding met een grote
tent buiten, waar de artiesten zich voor hun optreden gereed kunnen maken.
Als vannacht om één uur Sticks to Sticks verleden tijd is, hoeven de jeugdraadleden voorlopig nog niet aan hun bed te denken.

Morgenochtend om negen uur moet de eierhal namelijk weer in z'n oorspronkelijke staat teruggebracht zijn.

Dat wil zeggen dat na het programma de lichttoren, het podium, de tent en de eetkraampjes weer afgebroken en de hal en het terrein helemaal schoon gemaakt moeten worden.

Maar de jeugdraadleden hebben het er allemaal voor over.
Ook de niet meer zo jeugdige leden, zoals de heer A.H. van Pijpen. Hij is de stimulerende man achter de schermen van de jeugdraad, die er niet voor terugdeinst mee te timmeren en te schilderen. "We zijn vanaf woensdagavond hier bezig", zegt hij. "En we zullen hier morgenochtend om een uur of vier pas klaar zijn". De heer van Pijpen rekent op ongeveer achthonderd bezoekers.

Hoofd-inspecteur van politie W.C.H. Dekker, eveneens lid van de jeugdraad in oprichting, koestert ook gunstige verwachtingen van Stick to Sticks: "De jeugd kan nu eens laten zien, dat er werkelijk behoefte is aan ontspanning in Veenendaal".

De jeugdraad in oprichting heeft er in ieder geval hard genoeg voor gewerkt.
"Men heeft avonden lang vergaderd en vooral de laatste dagen gezwoegd", aldus de hoofdinspecteur.
Op de vraag of er van politiële nog extra maatregelen zijn genomen antwoord hij: "De organisatie zit goed in elkaar. Bij het beatfeest dat vorig jaar in de eierhal is gehouden zijn ookgeen moeilijkheden geweest. We verwachten dan ook geen ordeverstoringen. Het zou dom zijn, als de jeugd haar eigen glazen ging ingooien".

Over de voorverkoop weet Mik Thoomes te vertellen: "Er komen mensen uit Arnhem, Apeldoorn, Utrecht en zelfs uit Amsterdam naar de eierhal. Tot nu toe verloopt alles prima".
Vandaag heeft Mik Thoomes nog met de VPRO televisie onderhandeld over een eventuele reportage van Stick to Sticks.

Volgens hem zat er echter grote kans in, dat er van de zijde van de televisie belangstelling bestaat voor de manifestatie. Vooral ook, omdat de radio er ook al aandacht aan heeft besteed.

De 'grote drie' van Stick to Sticks; vlnr Mik Thoomes, die vooral het artistieke deel van het programma voor zijn rekening heeft genomen, Hedda Buys, voor het zakelijke gedeelte en de heer A.H. van Pijpen, man achter de schermen.

Het festival werd georganiseerd om de Jeugdraad in oprichting een gezonde financiële basis te geven.
De organisatoren Hedda Buys en Mik Thoomes waren beiden lid van de voorlopige jeugdraad, die zich onder meer als doel 'de kwaliteit van het fysieke woonklimaat in Veenendaal te verbeteren" gesteld had.
Men had het festival zo aantrekkelijk mogelijk gemaakt en ook de toegangsprijs was zo laag mogelijk gehouden. "Vier gulden per persoon is voor zo'n evenement echt niet veel", aldus Mik.

Hedda Buys verteld dat de jeugdraad ook op andere terreinen vele plannen heeft.
Naast de festijnen als die van de 31ste mei zullen meer dingen plaats gaan vinden. "Maar dan heel andere kanten op. Op veel breder terrein".

Mik Thoomes vertelt, dat het er deze keer niet om gaat de jeugd van de straat te halen. "Het is echt geen jeugdwerk', zegt hij, 'iedereen is er in zekere zin welkom. Het gaat er maar om dat er in Veenendaal iets gebeuren gaat". "Voor een geslaagde gebeurtenis moeten er ongeveer 1000 bezoekers komen, en dat hoeft niet in één keer. Dat mag best af en aan stromen", aldus Hedda.

PROGRAMMA

Het programma begint om 21.00 uur met een optreden van de Veenendaalse band As2O3, gevolgd door een optreden van de Utrechtse formatie Full House, van manager Jaap van de Klomp.

De liedjeszanger Theo Snijders uit Amsterdam zet het programma voort met enkele voorbeelden van het puur Nederlandse chanson.

De avond bereikt vervolgens een cultureel hoogtepunt door een optreden van The New Acoustic Swing Duo.
Deze groep bestaat uit de gebroeders Peter en Han Bennink. Han Bennink wordt algemeen als de beste jazzdrummer van het ogenblik in Nederland aanvaard.
Vorig jaar won hij de Wessel Ilkenprijs, de jaarlijkse Nederlandse jazzprijs verbonden aan het Prins Bernhard fonds. Zijn broer Peter Bennink was al eerder in Veenendaal te beluisteren. Hij speelde op tweede Kerstdag 1967 's morgens in de Petrakerk tijdens een speciale kerkdienst.


Na dit intermezzo met eigentijdse jazz is het woord aan de oude Rhythm & Blues muziek.
Bert Jansen uit Groningen zingt een aantal songs en begeleidt zichzelf op de mondharmonica.
Bert Jansen is het grootste talent in dit genre in Nederland op het ogenblik. "Hij bereikt vreemde effecten op zijn instrument en beheerst dit volkomen", aldus Mik Thoomes, een van de organisatoren.


De avond wordt besloten met een optreden van de overbekende beatgroep Dragonfly uit Vlissingen.

De beatorkesten worden allen omringd door beatgirls bekend van de televisie programma's Waauw en Moef-Ga-Ga.


Gedurende het hele programma draait de nieuwe show van Harry Dukker. Midden in de Eierhal staat zijn lichtmachine, die "The Complete Crazy Light Machine" projecteert op de wanden, het plafond en het publiek. Volgens Harry Dukker is dit programma nog nooit eerder vertoond.
Hij werkt met diaprojectoren en filmcamera's.

In de diaprojectoren plaatst hij vloeistof- en projectie dia's. Vloeistof dia's zijn van te voren met verf vervaardigde dia's. De verf gaat door de warmte van de lamp bewegen.
Sterk vergroot geeft dit continu wisselende kleurenspel prachtige effecten.
Injectie dia's geven een plotselinge explosie in vorm en kleur, omdat men tussen de diaglaasjes verf spuit.
Eén wand van de Eierhal wordt helemaal bedekt met projectieschermen, naar de andere kanten projecteert men op de aanwezige ondergrond.

Aan de organisatie van de produktie van de jeugdraad in oprichting "Stick to Sticks" wordt hard gewerkt door de gehele jeugdraad, inclusief de hoofdinspecteur van politie W.C.H. Dekker en de heer A.H. van Pijpen.
Allen zijn zij enthousiast om ervoor te zorgen dat er in Veenendaal in de toekomst wat te doen zal zijn.
De politie is overal van op de hoogte.
Het gebeuren moet de stoot geven tot de ontwikkeling van een culturele recreatie voor Veenendaal.







Bert Jansen - The blues in Veenendaal

In deze Aloha, "Vlekken 13", blz. 22 t/m 23 het verhaal van de 17 jarige Bert Jansen, mondharmonicaspeler die door Mik Thoomes wordt uitgenodigd om als hoofdattractie op te treden tijdens het Stick to Sticks fesival in Veenendaal.
Dit ter gelegenheid van de Veenendaalse winkelweek. Omdat het Veense publiek dit soort muziek (blues) niet kon waarderen, werd de 'hoofdattractie' al na 7 minuten van het podium afgehaald.

donderdag 8 maart 2012

LIJN 6 in 't DINGETJE 1966



Van Rob van der Veer ontving ik een aantal foto's van de pop-muziekband Lijn 6 uit Doorn, waarin hij basgitaar speelde, voordat hij aantrad in Direction.

De foto's zijn gemaakt tijdens een optreden in 't Dingetje op 19 november 1966.

Deze foto's zijn uniek omdat het de eerste zijn die laten zien hoe de club er van binnen uitzag.
Op de wanden zijn duidelijk de kreten te zien die bij Burgemeester en wethouders van Veenendaal op weerstand stuitten, en waar in het dorp schande van gesproken werd.

Hiermee werd een trend gezet, want in de beatclubs die later onstonden, werden ook opruiende teksten op de muren gekalkt.

Tevens het contract voor het optreden, opgemaakt door Frank van Amerongen, de manager van Lijn 6 en Peter Pilon, toen bestuurslid van 't Dingetje.
Het lijkt mij, dat zelfs voor die tijd, met zo'n gage een goede omzet gedraaid werd in de club.

De bezetting van Lijn 6 was:
Robert van den Hout - Vocals
Pim Fuchs - Organ + Lead + Vocals
René Paat - Lead
Luuk Huiskes - Rhythm + Vocals
Ingo Koning - Drums
Rob van der Veer - Bas







woensdag 7 maart 2012

LAMPEGIETERSAVOND

Lampegietersavond 1965

Maandagnacht kwart over twaalf. De snelle voetstappen van een late voorbijganger en het starten van een geparkeerde auto zijn de enige geluiden die de stilte in de Hoofdstraat verbreken.
De Lampegietersavond is voorbij.
Het feest van de lampions, dat zowel met vreugde als met zorg tegemoet werd gezien, heeft weer voor een jaar afscheid genomen.
De Hoofdstraat ligt verlaten.
De trottoirs, waar de hulzen van de luchthuilers en de zevenklappers een laatste rustplaats hebben gevonden, gaan stil de nacht in.
De cafés zijn dicht, het "hoogste tijd heren", heeft geklonken.
Het is bijna de hele avond goed gegaan. De politie, voor deze gelegenheid gewapend met onopvallend lange bamboe-knuppels, heeft toch nog enige rake klappen uitgedeeld.

Om half acht vertrok de traditionele optocht vanaf de industrielaan.
De stoet met de stralende jeugdwerkleidster mej. de Raat op kop, arriveerde ongeveer een kwartier later in de Hoofdstraat.
De grote belangstelling die er voor de optocht bestond en het feit dat de deelnemers zich hadden uitgesloofd zijn verheugende verschijnselen, die aantonen dat de Lampegietersavond, athans wat de optocht betreft, nog altijd springlevend is.

Al of niet per ongeluk

Springlevend toonden zich ook de jongelui die het omstreeks half negen met de politie aan de (gummi)stok kregen. Er hing de hele avond al iets dreigends in de lucht.
Plotseling was het moment gekomen, waarop de baldadigheid meende toe te moeten slaan.
Op het zebrapad, midden in de Hoofdstraat, werden enkele auto's, waaronder een servicewagen van de Wegenwacht, door een aantal jongens aangehouden.
Even werd de straat geblokkeerd, even, want direkt daarna schoot de politie toe.
Enkele hardhandige charges dreven de massa uiteen.
Het was een krampachtig optreden van de Hermandad, die hiermee duidelijk wilde maken geen enkel incident ook maar even te dulden.
De knuppels deden hun werk.
Een half uur ging het daarna weer goed.
Toen speelde zich, nabij het kruispunt Hoofdstraat-Zandstraat ter hoogte van een slagerij weer wilde tonelen af.
Politiemannen sprongen uit hun patrouillewagen met de bedoeling de opgehoopte menigte die zich daar had gevormd, uiteen te drijven. Weer werd onomwonden gedemonstreerd dat er die avond van de kant van de politie geen enkel pardon te verwachten viel.
De slager, voor wiens deur het opstootje ontstond, wist enkele knapen voor knuppelslagen te behoeden door hen ijlings zijn winkel binnen te trekken. Zijn goede bedoelingen kwamen hem bijna duur te staan, toen de luidruchtige menigte in de deuropening en gedeeltelijk in de winkel slaags raakten.
"Nou naar huis, wat doen jullie hier", schreeuwde een agent. Men stoof uiteen. De al wat op leeftijd gekomen man, die part nog deel had aan de affaire en daarom rustig bleef staan, waar hij stond kreeg, al of niet per ongeluk, ook een knuppel in zijn nek.

Beat in de garage

Daarmee is alle onrust wel verteld.
Enkele van de grootste radddraaiers werden naar het politiebureau overgebracht.
Verder verliep de avond zoals het hoort, zonder politionele acties en daarmee werd het toch nog een vrij rustige Lampegietersavond.
In de garage van de heer G.J. van Schoonhoven aan de Industrielaan ging het er gezelliger aan toe.
Daar hielden geen agenten een oogje in het zeil, integendeel, het werd een ongedwongen, spontaan feest.
Werkelijk een feest.
Door leden van het jeugdwerk De Instuif was de garage gezellig aangekleed.
Visnetten, slingers, ballonnen, grote gedecoreerde kubussen en nog ander versiersel hadden de garage omgetoverd tot een enorme feestzaal waar The Royal Rockers drie uur lang de beat lieten opklinken.
Burgemeester Hazenberg kwam vroeg in de avond even een kijkje nemen.
Met zichtbaar genoegen aanschouwde hij de dansende menigte.
Naarmate de avond verstreek kwamen The Royal Rockers er beter in.
Zanger Ricky Lammerts van Bueren had de minste plankenkoorts.
Hij wist de show het best te verkopen en schrok er niet voor terug zelf het grote twistvoorbeeld voor de zaal te zijn. Om negen uur waren er al meer dan vijfhonderd bezoekers.
Ondanks de gebiedende wijsvinger van jeugdwerkleider Van Der Schee, liep het dansfestijn uit tot even voor twaalven.

Trekpleister

"One of these days"' het laatste nummers van The Rockers, vormde een enthousiast slot van het garage-bal, dat een steeds grotere trekpleister voor de jeugd uit Veenendaal en ver uit de omgeving blijkt te worden.
Moegespeeld lieten The Royal Rockers na afloop hun instrumenten zakken.
Hun glunderende manager, de heer Kraft van Ermel ontfermde zich over hen.
Zijn jongens hadden het er goed afgebracht.


Royal Rockers: "Fijn dat we zovelen op echte beat konden trakteren".

De Royal Rockers uit Veenendaal maakten op Lampegietersavond hun debuut in de garage van de heer van Schoonhoven. Naar de reacties van het publiek te oordelen, was men zeer enthousiast over de verrichtingen van de beatband, die in onze omgeving de laatste tijd steeds meer aan populariteit wint.

Hoe de Royal Rockers hun optreden zelf vonden.

Wij vroegen het hun na afloop:

Drummer Harry Rondeau: "'k Ben wel een beetje moe. Morgenvroeg moet ik weer bijtijds aan de slag. Ik ben elekticien van mijn vak. De versterkers waren vanavond niet helemaal in orde. Voor de rest was alles prima. Of ik graag had mee willen dansen? Och, ik heb zo ook wel genoten".

Begeleidingsgitarist Jan Koehoorn: "Leuke avond. Zelf dans ik niet zo erg veel, daarom vond ik het niet erg vanavond te moeten spelen. Ergens blijft het toch wel jammer, maar goed, als je met spelen succes hebt is dat ook leuk. Muziek? Ik hou ook wel van klassiek".

Zanger Ricky Lammerts van Bueren: "Ik voel me gelukkig op het podium. Ja, ik zing wel vaker bij deze band Ik heb trouwens ook al eens voor de TV gezongen, dat was in 1962. Zelf heb ik weinig tijd om te gaan dansen, ik doe het wel graag. Van alle soorten muziek hou ik. Vroeger zong ik bijna uitsluitend slow-nummers".

Basgitarist Gerard Sukkel: "Gezellig vanavond. Ik speel liever dan dat ik zelf ga dansen. Neen, ik ben niet erg moe. Of wij wel 'ns meer voor zo'n groot publiek hebben gespeeld? Jawel, in Arnhem".

Solo-gitarist-zanger Ernst Kraft van Ermel: "Ja, ik ben behoorlijk moe, maar dat is niet erg, want spelen is mijn hobby. Ik vond het een gezellige avond en ik ben bijzonder blij dat wij zoveel jongens en meisjes op echte beat hebben kunnen trakteren …".
(Rijnpost, 23 september 1965)

LAMPEGIETERSAVOND 1966

INGEZONDEN
Blitz Veenendaal

De grootsteedse neigingen van Veenendaal komen niet alleen tot uiting door de grote fabrieken, winkelpanden enz., ook bij feestelijke gelegenheden kan men dit zien en aan den lijve ondervinden mag ik wel zeggen.

We schrijven 19 september 1966.

Het gebruik wil, dat op de derde maandag van september, het Veense volk de z.g. Lampegietersavond viert. Vroeger bestond dit feest uit het drinken van chocolademelk en het eten van beschuit met als hoogtepunt een kleurrijke optocht van met lampionnen bewapende jeugd, gevolgd door een stoet praalwagens.

De laatste jaren echter, is het hoogtepunt verlegd en ik mag wel zeggen, dat hiermede de belangstelling voor Lampegietersavond wijd en zijd in de omgeving van 't Veen aanmerkelijk is gegroeid.
Juist dit 'grootse gebeuren', met als schitterende apotheose het muzikale geluid van het kletsen der wapenstokken op hoofden, ruggen en billen van langharigen, 'kuiven' en persfotografen, heeft aan Lampegietersavond grootse bekendheid gegeven.
Maanden van te voren kijkt de jeugd en andere belangstellenden reikhalzend naar dit 'Grand gala du bâton' uit. Plaatsen bij familie en kennissen in de Hoofdstraat worden gereserveerd, om te zien welk een afschuwelijke mentaliteit de hedendaagse jeugd wel heeft.

En-fin, maandag j.l. was het dan zover. De jongeren liepen of zaten op straat en de ouderen hadden onder het genot van een kop chocolade bij het raam postgevat.

Helaas kon de politie niet zo goed op gang komen.
Maar gelukkig, na een kleine twee uur joelen en jennen kreeg ook zij de smaak te pakken en was de markt in een mum van tijd leeg.

't Was jammer genoeg maar van korte duur. Nee, dan was het vorig jaar wel beter.

Ik wil eindigen met voor burgerij en jeugd de wens uit te spreken, dat het jaar 1967 een betere lampegietersavond zal brengen, want dit hoogstaande gebeuren mag vooral nooit verloren gaan.

Tot zolang worden dan gummiknuppel en wapenstok veilig opgeborgen, want ze zijn echt wel lief en braaf daar in Veenendaal.

Maar één dag in 't jaar...

P.J. de Vries, Rhenen

1967
Natte Lampegietersavond verliep zonder incidenten

't Was weer Lampegietersavond. Wie op rellen belust was is maandagavond bedrogen uitgekomen. Alles bleef betrekkelijk rustig. Slechts één enkele maal moest de politie van de wapenstok gebruik maken en ook toen was het in een minimum van tijd afgelopen. De echte relletjes, zoals vorige jaren zijn er dit jaar niet geweest. In feite gebeurde er niet veel meer dan op een gewone zaterdagavond. Voor een groot deel zal dit te danken geweest zijn aan het regenachtige weer, voor een ander deel aan het doelmatig optreden van de politie, die juist daar was, waar de kans op relletjes aanwezig was.

V.d. Schee en burgemeester Hazenberg, met bezoekster
De regen weerhield de niet-Veenendalers, altijd de grootste herriemakers, om brommer of ander voertuig te pakken en naar 't Veen te rijden.
In de Hoofdstraat was het dan ook beslist niet druk toen om ongeveer tien voor acht de kinderoptocht voorbij kwam. Natuurlijk werden er knallen van het vuurwerk gehoord, maar veel had dat niet om het lijf. Het waren met recht losse flodders.
Even leek het er op, dat het voor de politie spannend zou worden, namelijk toen om even over negen uur een aantal jongelui de afzetting van de Raadhuisstraat opbraken en de hekken dwars over de Kerkewijk zetten.
In vrij korte tijd was er echter politie ter plaatse. Twee politiemensen pakten samen het hek, dat midden op de Kerkewijk stond op en zetten het weer op zijn plaats. De enige reactie van de menigte was een luid gejoel, waarop door de politie, zeer verstandig, niet gereageerd werd.
Vreedzaam ging het toe in garage Schoonhoven aan de Industrielaan. Daar werd dan ook een dansavond georganiseerd met het karakter van een Love-In. Iedere bezoeker kreeg bij de ingang een bloem aangeboden en de versiering, eveneens op bloemen geïnspireerd, herinnerde er aan dat men aardig moest zijn voor iedereen.

De avond werd verzorgd door een Nederlandse topgroep uit de beatwereid: de Ro-d-ys. De groep bracht een stevig en vooral hard stuk muziek. In het begin gedroeg het jeugdige publiek zich nog wat stroef en stond men hoofdzakelijk naar de band te kijken. Maar later, toen de rook in de garage te snijden was, hing in de grote ruimte de ware beatsfeer en werd er lustig op los gedanst. Op dit moment gaf het college van B. en W. blijk van zijn belangstelling.
Om goed elf uur liep ook dit facet van Lampegietercavond ten einde.

1968
Politie had de lange lat weer nodig op Lampegietersavond

Maandag 16 september - Lampegietersavond, het was weer als vanouds. Een welhaast voelbare spanning in de Hoofdstraat, nadat de kinderoptocht voor de tweede maal voorbij was. Talloze jongeren, voor het merendeel van buiten Veenendaal hoopten op een relletje. en als het mogelijk was op een rel, met de politie. Het is ze even gelukt.
Tegen half tien kwam er wat leven in de brouwerij.
Bovenaan de markt stonden een dozijn jongelui een lelijk eendje heen en weer te slingeren.
Op zeker moment kreeg het autootje een te grote duw en lag het op zijn kant.
In een mum van tijd was een overvalwagen van de politie ter plaatse en ging de lange lat over de ruggen van de belhamels. Enkelen werden gearresteerd en daarmee was het in feite afgelopen. Door het trachten van het aangaan van een debat werd nog wel even geprobeerd de politie uit de tent te lokken, maar de politie was zo gek niet. Toen na een kwartier de mannen met de lange latten inrukten verspreidde de menigte zich en - mede dank zij de regen - werd het rustig in het centrum.

Dansen
Ook geslaagd mag het garagebal genoemd worden. Omstreeks duizend jongelui hebben er aan deelgenomen, waarbij de goede muziek van The Motions en Les Baroques een enorme trekpleister vormden. De heer G. van de Schee en zijn medewerkers die de organisatie van zowel de optocht als
The Motions
van het garagehal hadden mogen dan ook op een geslaagde avond terugzien.

1969
Lampegietersavondfeest stikte in rook en lawaai
Politieman gewond, schuur brandde af

Het begon in de Hoofdstraat waar de uit Ede afkomstige B.J.M. de H. (18) probeerde een uithangbord van een winkelpui naar beneden te halen. Dit veroorzaakte een opstootje waarbij een rechercheur door een ruit werd geduwd door de eveneens uit Ede afkomstige J.E.S. (18). Beide Edenaren werden opgebracht naar het politiebureau waar ze achter slot en grendel werden gezet.
Voor een aantal opgeschoten jongens uit Veenendaal was dit het sein op meer uitgebreide schaal herrie te schoppen.

BRAND
Het zwaartepunt van het treffen tussen politie -compleet met stokken en schilden- en herrieschoppers verplaatste zich daarop naar de Markt, waar achter muziekhandel Van Hees een schuur in brand werd gestoken. De brandweer rukte met groot materieel uit en wist uitbreiding te voorkomen. De schuur
Brand blussen bij van Hees
brandde af. De nog steeds rumoerige jeugd werd met een kort optreden van de politie verspreid, waarbij een afsluithek het moest ontgelden en waarbij een geuniformeerde beroepspolitieman door een steen aan het hoofd werd gewond. Hij moest zich onder doktersbehandeling stellen.
De veroorzakers van het rumoer bleven daarvan verschoond omdat zij in de meeste gevallen al op de loop gingen als de politie ook maar een stap in hun richting kwam. Ook de politiewagen kreeg schade toen een grote steen op het dak van de wagen terecht kwam. Als verdachten van een en ander werden nog aangehouden de 17-jarige G.M. uit Wageningen en de Veenendalers J.D.S., G. H. en H.M. Allen kwamen in de cel terecht en werden pas laat nadat proces-verbaal was opgemaakt weer op vrije voeten gesteld.

BEAT
Niet minder rumoerig maar in ieder geval heel wat beter georganiseerd ging het intussen toe in de garage van de firma Van Schoonhoven aan de Industrielaan.
Daar traden voor circa 1200 beatliefhebbers The Golden Earrings en The Shoes op.
In tegenstelling tot de gebeurtenissen op de Markt was dit een jeugdmanifestatie van het betere soort, al zal het een noch het ander voor de ouderen verstaanbaar  zijn geweest. Aan volume heeft het in ieder geval ook dit jaar weer niet ontbroken en dat zal wel net zo zeer traditie geworden zijn als het Lampegietersavondfeest zelf.

1970
Onrustige Lampegiet liep met een sisser af
Vijftien arrestanten snel voor rechter

Al vrij kort na de lampion optocht kreeg de baldadigheid en vernielzucht de overhand in de Hoofdstraat. Eerst werden stukken hout met spijkers op straat gegooid om de passerende auto's te hinderen, en later werd een schutting vernield, waarvan de planken voor hetzelfde doel werden gebruikt.

Spijkerlatten op straat
Diverse knapen werden in de kraag gepakt en afgevoerd naar het politiebureau. Dat was tevens de essentie van het politieoptreden, zoals dat al lange tijd tevoren was gepland. Van het begin af aan trachtten de agenten de gemoederen te sussen, en zodra dat niet meer hielp kwam er versterking, en werden arrestaties verricht. Het Veenendaalse korps kreeg assistentie van een mobiele eenheid uit Ede.
Afgezien van de vernielde schutting en wat deuken in auto's -die er met stukken hout in werden geslagen- zijn bij de politie geen schadegevallen bekend.
De relmakertjes hadden overigens nauwelijks kans, want op diverse plaatsen waren op bovenverdiepingen politiemensen geposteerd, die alle groepsbewegingen direct aan de wagens konden rapporteren
Tegen kwart voor één werden aan de Bergweg nog twee ruiten van woningen met bakstenen ingegooid. De daders zijn nog niet gegrepen.
De arrestanten, van wie sommigen ook afkomstig uit Ede, werden na verhoor heengezonden, of moesten door hun ouders worden afgehaald. Tot in de kleine uurtjes bleef de politie patrouilleren, maar zelfs de van het popfestival Lammeliet in garage Van Schoonhoven terugkerende muziekliefhebbers waren vrij snel uit het straatbeeld verdwenen.
Mr. Albert Show
Enkele honderden jongelui luisterden daar naar de Mr. Albert Show, Blue Planet en Earth and Fire.


Wat is Lampegietersavond?

Elk jaar wordt Lampegietersavond in Veenendaal gevierd. Op de maandag die het dichtst bij 17 september ligt, gaan kinderen verkleed en in een lange optocht de straat op met lampionnen. Wanneer deze traditie ontstaan is, is onduidelijk, maar is al heel oud. Het heeft in ieder geval te maken met het feit dat in september het avondwerk in de huisnijverheid niet langer bij daglicht kon worden gedaan, men moest weer de lampen aansteken.
De wolwevers werkten in de zomermaanden overwegend in het veen, 's winters zaten ze achter het spinnewiel.
Veensteken was in de winter vrijwel onmogelijk vandaar.
Met weven en spinnen verdienden de arbeiders wat bij, want de lonen in de industrie waren laag.
Het ontsteken van de olielampen werd uitgebreid gevierd. De werkplaats werd versierd met bloemen, de baas bracht een ketel chocolade- of saliemelk en een blad met brood en beschuiten. Buiten hingen versiersels van groene kronen, linten en gekleurd papier. Mensen trokken de straat op met kaarsen gestoken in een uitgeholde kalebas, of in een papieren zak op een stok.